World Heritage Traveller

Sub-Antarctische eilanden 2025

Written by:

  1. Programma
  2. Donderdag 27.11: Vertrek
  3. Vrijdag 28.11: The Snares
  4. Zaterdag 29.11: Hardwicke
  5. Zondag 30.11: Enderby
  6. Maandag 1.12: op zee
  7. Dinsdag 2.12: Macquarie
  8. Woensdag 3.12: Macquarie
  9. Donderdag 4.12: op zee
  10. Vrijdag 5.12: Campbell
  11. Zaterdag 6.12: Terugreis
  12. Zondag 7.12: Terug in Bluff
  13. Praktische info

Programma

Om mijn 1000ste bezochte werelderfgoed te vieren, zocht ik een afgelegen plek die zelden toeristen ziet. Ik vond het bij de Nieuw-Zeelandse Subantarctische eilanden en het Australische Macquarie Island. Ik maakte een 12-daagse cruise met de Heritage Adventurer naar deze eilanden, genaamd “Galapagos of the Southern Ocean”.

Donderdag 27.11: Vertrek

Na een plichtmatige excursie in de ochtend, weer een uitgebreide lunch in het Holiday Inn hotel in Queenstown en een busrit van zo’n 3 uur komen we om half 5 eindelijk aan in de haven van Bluff. Deze ligt op een zuidelijk puntje in Nieuw Zeeland. Het is meer een haven voor containerschepen, onze Heritage Adventurer is het enige passagierschip dat er ligt. Een douaneambtenaar komt de bus in om te checken of we niet illegaal zijn – het tonen van onze badge met naam is voldoende.

Cruise Heritage Adventurer

We lopen zo van de bus via een trap het schip op, waar de formaliteiten geordend plaats vinden. We moeten eerst bij een Nieuw-Zeelandse grensambtenaar ons paspoort inleveren, nadat hij onze identiteit gecheckt heeft. Daarna kan een ieder naar zijn cabine gaan, waar de bagage al heen is gebracht en wat andere presentjes voor ons klaarliggen zoals een waterfles en een drybag.

Veel tijd om te relaxen hebben we niet, want om kwart over 5 is er de verplichte evacuatie oefening. Dus niet veel later staan we allemaal met ons reddingsvest aan buiten op het dek, bij de reddingsboot waar je bent ingedeeld.

Cruise Heritage Adventurer

Daarna volgt de briefing door de expeditieleider en de rest van de staf – een uur vol informatie waarvan je maar de helft kunt onthouden. Belangrijk voor morgen is in ieder geval dat de weersvooruitzichten voor The Snares heel slecht zijn (hoge golven), dus aangeraden wordt om zeeziekte medicatie in te nemen. Ook is het onzeker of we met zodiacs rond The Snares kunnen varen (landen mag daar sowieso niet) – zo niet, dan doen we dat met het grote schip.

Om half 8 is het tijd voor diner. Dit is in de grote eetzaal, waar we een 3-gangen keuzemenu krijgen voorgeschoteld. Ik neem een lokale vissoort. Ik zit aan tafel bij een sympathiek Nieuw-Zeelands stel dat een kiwiplantage heeft op het Noordeiland.
Ik heb inmiddels ook een wifi voucher gescoord (25 USD voor 10 GB). Om kwart over 9 ben ik op mijn kamer, ruim mijn spullen in, doe de foto’s en type dit verslag.

Vrijdag 28.11: The Snares

Een rustige nacht; ik heb wel een anti-zeeziekte pil genomen voor het slapengaan, maar het is niet al te erg. De golven nemen wat toe tegen het ontbijt. Ik eet het ‘Early Bird Breakfast’ in de Bistro en ga dan buiten op het dek bij de vogelaars staan. Het is heerlijk zonnig weer, maar je moet wel ergens tegenaan leunen om niet om te vallen door de golven. We varen langs Stewart eiland, en verschillende vogels komen langs. We zien een Skua, de Stewart eiland albatros, en vele Kaapse stormvogels (Pintado Petrels).

The Snares

Om 9 uur is het tijd voor de verplichte Biosecurity briefing, plus instructies hoe in en uit de zodiacs te geraken. Daarna ga ik naar de Mudroom om mijn laarzen te passen (dat doen ze, met een maat groter dan ik normaal heb). Dan is het wachten in de cabin tot dek 3 geroepen wordt om onze buitenste kleding te laten checken. De eilanden hebben zeer strenge bioveiligheidsregels, dus er mag geen zaadje aan je jas of rugzak hangen. Ik word goedgekeurd en dan is het weer een uurtje buiten vogels kijken tot de lunch.

De lunch wordt verzet tot 1 uur, zodat de kapitein een meer beschutte ankerplek kan bereiken. Dat lukt, en ik eet een snelle lunch van soep en een sandwich met frietjes in de bistro. De expeditiestaf voert ondertussen een aantal testen uit om te zien of het verantwoord is om er in de zodiacs op uit te gaan. Dat blijkt het geval – wie niet mee wil kan zich uitschrijven, maar uiteindelijk gaan 11 van de 14 zodiacs het water op. Met de stevige golven is het wel een klus om iedereen veilig in de boot te krijgen, maar er zijn twee sterke mannen aanwezig om je naar binnen te trekken dus het gaat prima.

The Snares

We zitten met z’n tienen in de zodiac, de rubberboot. Met regenkleding aan – niet omdat het slecht weer is maar je wordt nat van de golven. Zo laag vanaf het water zie je veel meer dan vanaf het cruiseschip. En je kunt dichterbij de kust varen, en zelfs wat grotten in. We gaan vooral op jacht naar Snares pinguins, een endemische soort die alleen hier voorkomt. Ze blijken niet moeilijk te vinden: in grote getale staan ze op de rotsen. Ook zwemmen ze of krabbelen ze op het land. Het is onwaarschijnlijk hoe goed ze omhoog over de rotsen kunnen klimmen.

The Snares

Behalve pinguins zien we ook enkele exemplaren van de Nieuw-Zeelandse zeebeer. Ze liggen op de rotsen, en met de schutkleur van hun vacht zijn ze bijna niet te zien. En ook een superdikke Nieuw-Zeelandse zeeleeuw laat zich zien.

Ik geraak zonder nat pak of kleerscheuren weer op het schip, waar ik toch wel wat droge kleren aantrek ondanks de regenkleding word je toch wel nat. De grote laarzen die door de organisatie ter beschikking worden gesteld hebben we geholpen: mijn voeten zijn in ieder geval droog. Om kwart over 4 ben ik weer op mijn kamer en werk aan de foto’s en het verslag van vandaag.

Cruise Heritage Adventurer

Om 6 uur is er een presentatie  waarin weer een deel van de staf wordt voorgesteld. Ook introduceren de 12 Young Explorers zich – zij zijn onder 30 jaar en geselecteerd om met een beurs (en dus lagere kosten) aan deze cruise deel te nemen. En er is een applaus voor een gast die vandaag 90 jaar is geworden en zich ook in de zodiac heeft geworpen. Het diner volgt al snel daarna, de zalm smaakt goed en ik zit aan tafel met een Nieuw-Zeelandse die ook veel reist.

Zaterdag 29.11: Hardwicke

De golven en wind zijn hevig deze nacht – ik rol van links naar rechts in mijn bed en kan de slaap maar moeilijk weer vatten. Tegen ontbijt-tijd van 8 uur loop ik naar het dek bij de bistro, maar de golven zijn stevig, het is koud en er is vrijwel niemand buiten. Wel zien we de Auckland-eilanden opdoemen, een grote eilandengroep.

Auckland Islands

Het programma voor deze en de volgende dag is omgedraaid: morgen wordt beter weer verwacht en dan hopen we te kunnen landen op Enderby-eiland waar zelfs wandelingen zijn uitgezet. Vandaag varen we langs de oostkust van de eilandengroep, zien zijn dichte vegetatie (de laatste bomen die we de komende dagen zullen zien) en een natuurlijke haven waar het wat kalmer dobberen is.

Om 10.15 krijgen we een presentatie van een albatros-onderzoeker. Hij en zijn vrouw zijn ook aan boord, en worden vandaag afgezet op Adams-eiland (één van de Auckland-eilanden), waar ze al 30 jaar onderzoek doen naar albatrossen. Het is interessant te horen over deze grote vogels, die erg houden van wind en haast nooit hun vleugels hoeven te bewegen.

De hoop was dat het in Carnley Harbour wat kalmer zou zijn, maar hier kunnen we niet van de boot met deze windsnelheden. Rond lunchtijd varen we daarom alvast naar de omgeving van Enderby eiland, waar we morgen een hele dag aan land gaan. Om kwart over 2 is er een briefing, waarna je je kunt inschrijven voor welke wandeling je morgen wilt gaan doen. En op welke boot je vanmiddag wilt: er is namelijk een korte landing gepland bij de voormalige Hardwicke nederzetting.

Auckland Islands

Ik ga al om 3 uur mee. De lucht is weer blauw en het wat is kalm. We landen op een stenig strandje, maar gelukkig staan er vele crewleden om je veilig aan land te trekken. Met z’n tienen en een gids doen we dan een korte wandeling. Er is een smal vlonderpad aangelegd, want de hele ondergrond is turfachtig en modderig. Eén dappere boomsoort overleeft hier.

Wie het niet hebben overleefd zijn enkele schipbreukelingen en ongelukkige pioniers, die hier heen waren gelokt om aan de walvisjacht wat te verdienen. We zien hun begraafplaatsje. Verderop staat een boom die in de 19de eeuw door de Nieuw-Zeelandse regering is geplant om eventuele schipbreukelingen van wat hout en onderdak te voorzien.

Auckland Islands - Hardwicke

Op de terugweg maken we nog een boottochtje en zien een hele groep Auckland shags op het water zitten.

Auckland Islands

Zondag 30.11: Enderby

Het is stralend weer en ik kan niet wachten tot we aan land mogen op Enderby eiland. Ik sta om 8.45 als één van de eersten (geheel in waterdichte kledij) klaar om in de zodiac te springen. Gisteren kon je intekenen op één van de drie excursies: een volle dag met een lange wandeling, een volle dag met een wat kortere wandeling en tijd voor foto’s (die heb ik gekozen), of twee halve dagtochten met de zodiac en een korte wandeling. We krijgen een lunchpakket mee.

Het is maar een klein stukje varen naar het strand van Enderby, waar de landing met de zodiac vlotjes gaat. Maar direct daarna moeten we ons een wegbanen tussen wat aggressieve zeeleeuwenmannetjes door. Onze gidsen houden ze op afstand met wandelstokken.

Auckland Islands - Enderby

We zijn geland naast het wetenschappelijk station; we waren gewaarschuwd om de aanwezige wetenschappers hun ruimte te geven en vooral niet hun picknickbank te gebruiken. Maar het blijkt dat ze er één extra in elkaar gezet hebben voor de toeristen. Daar maken we graag gebruik van, aangezien je vanwege de bioveiligheidsvoorschriften nergens op het eiland op de grond mag zitten.

Het station ligt naast “Penguin Alley”, een verboden gebied waar de schuwe geeloogpinguïn voorrang heeft. Mensen mogen alleen oversteken met een gids en als er geen pinguïns te zien zijn. Bij onze eerste poging moeten we halverwege teruglopen en ongeveer een half uur wachten voordat de drie pinguïns die tevoorschijn kwamen, besloten hebben of ze vandaag naar zee willen of niet.

Auckland Islands - Enderby

De rest van de wandeling verloopt een stuk rustiger, hoewel we nog een paar rustende zeeleeuwen tegenkomen in de struiken op, of vlak naast, het pad. Het hoofdplateau van Enderby Island bestaat uit struikgewas, moerassen, grasland en planten. Dit is het gebied waar je de twee belangrijkste soorten van het Subantarctische gebied kunt vinden: de megakruiden en de nestelende albatrossen.
De albatrossen die hier nestelen, zijn de zuidelijke koningsalbatrossen. Met een spanwijdte van 3 meter hebben ze niets te vrezen en maken ze soms gewoon hun nest langs het pad. Dit is ook een prima plek om hun partners in de wind te zien zweven wanneer ze tussen het nest en de zee bewegen: ze zijn gigantisch, maar elegant.

Auckland Islands - Enderby

We zien ook nog andere vogels, en zelfs de kleinere zijn absoluut niet schuw voor mensen. Maar de sterren langs het pad zijn de megakruiden. Ik wist niet dat ik zo enthousiast kon worden over planten! De megakruiden zijn plantensoorten die, vanwege de afgelegen ligging van de plek waar ze voorkomen, een overdreven flamboyante verschijning hebben: te kleurrijk, te groot. Er zijn ook geen dieren op het eiland die ze eten.

Auckland Islands - Enderby

Het belangrijkste megakruid die momenteel bloeit, is de Ross-lelie. Ze kleuren het noordelijke deel van het plateau geel door hun overvloed. Maar de roze Campbell Island-wortel is ook aanwezig en zal binnenkort de overhand nemen. We zien ook onze eerste voorbeelden van “reuzenbloemkolen”: de Macquarie Island-kool.
Aan de andere kant van de promenade bereiken we de kustlijn en de noordelijke kliffen. Daar vinden we een houten bank om op te zitten, groot genoeg voor zo’n 20 personen, waar we onze lunchpakketten opeten.

Auckland Islands - Enderby

We hebben geluk met een zonnige dag, met een temperatuur van ongeveer 14 graden Celsius. Tijdens deze wandeling worden we vergezeld door de vogelgids en de botanische gids van het expeditieteam, maar we kunnen op ons gemak zelf rondlopen zolang we maar op de paden blijven.

Niet ver daarvandaan, hoog tegen de kliffen, nestelt een andere albatrossoort. Dit is de Roetkopalbatros. Met hun grijze verenkleed zijn ze zeer goed gecamoufleerd tegen de grijze rotsen. We vinden drie albatrossen die dicht bij elkaar nestelden, elk op een klein hoopje zand.

Auckland Islands - Enderby

Op de terugweg volgen we dezelfde route over het eiland, maar het was nog steeds magisch. Het is een landschap dat ik nog nooit eerder heb gezien, aangevuld met het Galapagos-achtige gedrag van de weinige maar verschillende diersoorten.

Auckland Islands - Enderby

We maken een korte omweg naar Stella Hut, een houten hut die in 1880 voor schipbreukelingen werd gebouwd. Dit was een van de zogenaamde schipbreukelingendepots die door de Nieuw-Zeelandse overheid op de eilanden werden gebouwd om onderdak te bieden aan schipbreukelingen en overlevenden van schipbreuken (wat vaak gebeurde). Daar konden ze warme kleding en voedsel vinden. Een stoomboot van de overheid voer af en toe langs om naar overlevenden te zoeken.

Auckland Islands - Enderby

Terug op het strand zien we de grootste strandmeester onder de zeeleeuwen een ware show opvoeren. Hij blijft zich door het zand rollen tot hij er helemaal onder zat. Vanaf half november gedragen ze zich zo om zoveel mogelijk vrouwtjes aan te trekken, die op het punt staan te landen om te werpen en een paar dagen later te paren.

Auckland Islands - Enderby

Op het strand worden we weer opgepikt door de zodiacs, en om half drie ben ik terug aan boord. Daar werk ik aan de foto’s tot het tijd is voor de nabeschouwing van de dag om half 7 en diner om 7 uur.

Maandag 1.12: op zee

Vandaag is het een volle dag op zee, dus een rustige dag. We moeten zo’n 630 kilometer overbruggen tussen Auckland Island en Macquarie Island. Ik eet mijn ontbijt om half 8 in de bistro, en ga dan op mijn kamer een paar uurtjes werken aan de foto’s en verslagen. Om 11 uur is er een presentatie over de Nieuw-Zeelandse zeeleeuwen, die we gisteren zo prominent in actie zagen.

Lunch eet ik weer in de bistro, in gezelschap van één van de vele zelfstandig reizende Nieuw-Zeelandse vrouwen aan boord. In de middag is er opnieuw een bioveiligheidscheck van alle spullen die je aan land gaat brengen, dit keer gericht op het Australische Macquarie eiland. Rond 3 uur varen we de Australische wateren binnen.

Dinsdag 2.12: Macquarie

Macquarie Island (uitgesproken als “mac-QUARRY”, met een Australisch accent, en afgekort tot “Macca”) ligt ongeveer halverwege tussen het Australische vasteland en Antarctica. Voor de vogels en zeezoogdieren is het de laatste plek waar ze kunnen landen die niet permanent bedekt is met ijs en sneeuw. De Australiërs zijn erg kieskeurig over wie ze toelaten; bedrijven moeten een quotum aanvragen en hun educatieve toerisme-ethos aantonen. Recente winnaars zijn Heritage Expeditions (waar ik mee reis), Ponant en Aurora Expeditions.

Macquarie Island

Het is op de Werelderfgoedlijst geplaatst op basis van zowel geologische als natuurlijke schoonheidscriteria:

  • Het is een geologische eenhoorn, omdat het de enige plek ter wereld is waar een deel van de oceanische korst boven de zee uitsteekt. Het is ontstaan ​​op de plek waar de Indo-Australische tektonische plaat en de Pacifische plaat botsen.
  • Het heeft een wilde, natuurlijke schoonheid, met grote concentraties wilde dieren, met name pinguïns, tijdens het broedseizoen.

Opvallend is dat erkenning voor de flora- en faunadiversiteit, ontbreekt, waarvoor het nooit is voorgesteld maar waarvoor het gemakkelijk in aanmerking zou moeten komen. Het eiland deelt met de Nieuw-Zeelandse Subs de status van Centrum voor Plantendiversiteit en de megakruiden. En dit is simpelweg de beste plek op de Werelderfgoedlijst om pinguïns te bekijken en ervan te genieten. Met vier verschillende broedsoorten (waarvan er één endemisch is) en twee soorten die er af en toe langskomen, behoort het tot dezelfde categorie als het Antarctisch Schiereiland en de Falklandeilanden. En de kolonie van zo’n 150.000 tot 280.000 koningspinguïns in Lusitania Bay is na die van Zuid-Georgië de grootste.

Macquarie Island


Rond ontbijttijd op de derde dag zien we eindelijk weer land: de reeks pieken en rotsformaties die op een ruggengraat lijken.

We gaan eerst aan land bij een gebied genaamd De Landengte, een kleine landbrug in het uiterste noorden van het eiland. Hier bevindt zich de Australische wetenschappelijke basis, die permanent wordt bewoond door zo’n 20 tot 40 medewerkers. Ze hebben ook 48 kleinere gebouwen verspreid over het eiland.

We zijn gewaarschuwd om er niet zomaar binnen te lopen of dichter dan 1,5 meter bij de medewerkers te komen (“knuffel of kus geen wetenschapper”), omdat er nog steeds coronamaatregelen gelden. En ze zetten hier geen stempels meer, omdat de onofficiële stempel je paspoort ongeldig kan maken. Maar, net als pinguïns, sommigen komen gewoon naar ons toe, omdat ze al zes maanden niemand anders dan hun collega’s hadden gezien.

Macquarie Island

We wandelen anderhalf uur op dit deel van het eiland. Hoewel ze op het hele eiland voorkomen, zijn de zuidelijke zeeolifanten de absolute heersers bij deze aanlegplaats. Ze laten hun dikke lichamen overal vallen en rusten meestal uit in het gras. Ze blokkeren af ​​en toe het pad, maar gelukkig zijn ze niet zo agressief als de zeeleeuwen die we eerder bij Enderby Island tegenkwamen. Het lijkt al een hele opgave om hun kop op te tillen.

Het gras is ook de favoriete plek van de ezelspinguïns. Dit is hun enige kolonie op Macquarie Island, ver weg van de veel grotere koningspinguïns en de alomtegenwoordige bemoeiers, de koningspinguïns. Hun kuikens zijn erg schattig, net knuffels.

Macquarie Island

Een trap brengt ons naar een platform boven op de bergkam, vanwaar we een prachtig uitzicht hebben over de hele landtong. Grote vogels toonden interesse in ons en vlogen voorbij, waaronder lichtmantelalbatrossen en reuzenstormvogels.

Sandy Bay
Tijdens de lunch verplaatst ons schip zich verder naar het zuiden langs de kust. Verdeeld in drie groepen, vanwege de bezoekerslimiet van 75 personen voor deze landingsplek, bezoeken we Sandy Bay. Dit is een lang strand waar je vrij tussen de dieren kunt rondlopen, alsof je figureert aan een natuurdocumentaire. Je weet gewoon niet waar je moet beginnen! We vinden het zo leuk dat we er twee keer naartoe gaan: een sessie van twee uur op de eerste middag en een sessie van anderhalf uur aan het einde van de volgende ochtend.

Aan de noordkant van het strand bevindt zich een grote kolonie koningspinguïns, waar ze ook hun kuikens en eieren beschermen. Onderweg ernaartoe moet je je al behendig tussen de zeeolifanten en de duizenden pinguïns manoeuvreren.

De kolonie zelf is afgebakend met een touw, maar je komt er nog steeds heel dichtbij en kunt op een rots zitten om ze te bekijken. De kuikens van de koningspinguïns worden al erg groot, maar hebben bruine, pluizige veren. Af en toe zie je er een paar halverwege de transformatie van kuiken naar volwassen pinguïn; ze zien er heel vreemd uit. Dit is ook het gebied waar de pinguïns met eieren verblijven. Ik heb lang gezocht naar een foto van een pinguïn die met het ei op zijn pootjes rondscharrelde, maar die kans heb ik gemist.

Macquarie Island
Macquarie Island

Je kunt urenlang aan deze kant staan ​​kijken, maar aan de andere kant van het strand is het schouwspel minstens zo indrukwekkend. De weg ertussen is een avontuur op zich, want je loopt door een Pinguïnsteeg, waar je als mens niet mag stoppen of zitten; je schuifelt gewoon op pinguïnsnelheid langs de kustlijn om ze zo min mogelijk te storen. Hier loop je echt tussen de pinguïns en deze twee soorten (koningspinguïns en koningspinguïns) laten zich helemaal niet door elkaar storen. De twee soorten lijken elkaar ook te verdragen, hoewel de grotere en meer voorname koningspinguïns de koningspinguïns soms pesten. Het is leuk om ze uit het water te zien landen, vooral de wat onhandige koningspinguïns; ze worden vaak omvergeworpen door een golf, maar staan ​​gewoon weer op en lopen verder met hun soortgenoten.

De koningspinguïns hebben nog een belangrijke kolonie aan de zuidkant van Sandy Bay. Deze is vergelijkbaar georganiseerd met die aan de noordkant. In de buitenste cirkel van de groep vind je vooral de pinguïns die hun verenkleed aan het wisselen zijn. Het moet jeuken, want ze zijn er constant aan het plukken.

Macquarie Island

De kolonies van de koningspinguïns bevinden zich verder landinwaarts. Er is een pinguïnpad dat langs een ravijn loopt en waar ze in de verte verdwijnen. Een van hun kolonies is zichtbaar tegen de heuvel boven het plateau.

Macquarie Island

Tot nu toe draait de ervaring op Macquarie vooral om pinguïns en zeehonden, maar het eiland heeft ook een interessante flora. Dankzij de uitroeiing van alle invasieve diersoorten, met name de konijnen in 2014, wordt het eiland weer groen. Via een trap naast de kolonie zuidelijke pinguïns bereik je een plateau bedekt met gras en kruiden, voornamelijk Pleurophyllum hookeri. Er groeit ook Macquarie-kool (nog een megakruid), een eetbare plant die door de vroege zeelieden als voedsel werd gebruikt.

Macquarie Island

Als kers op de taart hebben we ‘s avonds een barbecue op het buitendek. Met jassen aan weliswaar, maar in het zonnetje. Mijn bezoek aan Werelderfgoed #1000 is een geweldige dag geworden.

Woensdag 3.12: Macquarie

In de vroege ochtend, om 7 uur, maken we een zodiac-tocht door Lusitania Bay. Het schip is weer iets zuidelijker gevaren. Vanaf het dek is het spektakel in Lusitania Bay al goed zichtbaar. De ongeveer 200.000 koningspinguïns in deze kolonie leven zo dicht op elkaar dat aan land gaan niet is toegestaan. Er zou gewoonweg geen ruimte zijn om te lopen! Het is de op één na grootste kolonie, na die in Zuid-Georgia, en overtreft alles wat je in de Falklandeilanden of Antarctica vindt ruimschoots.

Macquarie Island

Deze pinguïns worden vanochtend geconfronteerd met een groot cruiseschip en een paar zodiacs (iets wat maar eens in de zes maanden gebeurt). Ze sturen verkenners eropuit om ons te observeren, dus zowel het hoofdschip als elke zodiac worden omringd door in cirkels zwemmende pinguïns. Dit is verreweg het beste dat we ze in het water hebben gezien; ze zijn meestal op zoek naar voedsel en zwemmen snel de oceaan in, waarbij ze af en toe springen als dolfijnen. We hebben geluk dat het weer en de golven goed genoeg zijn om met de zodiacs het water op te gaan, iets wat de cruisemaatschappij maar eens in de drie of vier bezoeken meemaakt.

De kolonie zelf is één grote massa, een rivier van pinguins. Het is zelfs moeilijk om er foto’s van te maken, omdat er geen individuele pinguïns te zien zijn. Wat je wel kunt zien, is de variatie in kleur: ze staan ​​meestal allemaal dezelfde kant op, waardoor je of het zwart van hun rug of het wit van hun buik ziet, en er staat vaak een kring van ‘wachters’ om hen heen. En natuurlijk zijn de kuikens bruin.

Een merkwaardig historisch element is ook te zien op dit strand. Er staan ​​drie enorme, roestende ketels, die gebruikt werden tussen 1889 en 1920. Nadat de commerciële exploitanten van het eiland bijna alle pelsrobben op het eiland hadden gedood voor hun pels, richtten ze hun aandacht op de pinguïns. Deze waren waardevol vanwege de olie. De ketels zijn kookpotten, waarin de pinguïns aan de ene kant werden gedreven en waar de olie aan de andere kant weer uitstroomde.

Macquarie Island

De zodiac brengt ons ook naar een waterval, waar we enkele oostelijke rotspinguïns konden zien. Deze leven uitsluitend op rotsen en in kleine kolonies, waardoor ze moeilijker te spotten zijn.

Na de lunch varen we weg van Macquarie Island. Het is een lange reis, die ons pas in de ochtend van 5 december op onze volgende bestemming zal brengen. De zee is ruiger geworden en er waait een stevige wind. Ik spendeer het grootste deel van de middag op mijn kamer en werk aan de foto’s en het verslag.

Om 5 uur ga ik naar de leerzame presentatie over de geologie van de Subantarctische eilanden. Niet lang daarna volgt de dagelijkse briefing met wat korte presentaties. Het diner sla ik vandaag over: ik heb al 2x ontbijt gehad vandaag plus een 3-gangen lunch.

Donderdag 4.12: op zee

Het was een stormachtige nacht, maar ik heb er goed doorheen geslapen. Het is vandaag een zeedag, onderweg naar Campbell Island. Ik ontbijt weer op mijn vaste stekkie, in de Bistro. Daarna is er weer een biosecurity controle, gelukkig de laatste van de reis.

Om 11 uur is er een interessante presentatie over het plantleven op Campbell Island en de andere Subantarctische eilanden. Daarna weer lunch in de bistro, en wat praktische zaken regelen bij de receptie zoals een nieuwe wificode aanschaffen en het registreren van mijn credit card zodat ik de eindafrekening kan betalen. Ook haal ik een envelop op voor de fooi: daarvoor had ik al wat USD meegenomen.

In de middag werk ik verder aan de foto’s en de verslagen, tot er weer een presentatie komt waarin ik geinteresseerd ben.

Vrijdag 5.12: Campbell

De Campbell-eilanden, het meest zuidelijke van de vijf Nieuw-Zeelandse subantarctische eilanden, zijn van vulkanische oorsprong en hebben ook glaciale landvormen, zoals morenen. In de 19e eeuw werd er gejaagd op zeehonden en walvissen, en er werd een schapenboerderij gevestigd. Al deze activiteiten en de bijbehorende menselijke aanwezigheid zijn inmiddels verdwenen, en de ratten werden in 2001 uitgeroeid. Ecologisch gezien is Campbell het belangrijkste broedgebied voor de zuidelijke koningsalbatros en de heringevoerde, niet-vliegende Campbell-eilandtaling.

Campbell Island

Er pakken zich wolken samen rond de heuveltoppen van Campbell als ons schip in de vroege ochtend aankomt. We zouden een zodiac-cruise maken in Perseverance Harbour, maar het ziet ernaar uit dat het een natte tocht zal worden. Tot nu toe hebben we veel geluk gehad met het weer tijdens deze reis, met zon en kalme omstandigheden bij de belangrijkste stops zoals Enderby Island en Macquarie Island. Op Campbell Island ervaren we hoe het weer daar doorgaans is: mistig, winderig en nat.

We beginnen de Zodiac-cruise in lichte regen, maar we genieten er desondanks van en gaan op zoek naar de bijzonderheden van Campbell Island. Eerst zien we een groep zeeleeuwen die samen rondhangen. Iets verderop langs de kust probeert een groot mannetje een vrouwtje tegen een rots te duwen, zodat ze niet kan ontsnappen om te paren.

Campbell Island

Langs de kust zien we een paar Campbell-aalscholvers en enkele interessante megakruiden. Deze natuurlijke haven herbergt ook een bijzondere toeristische attractie: ‘s Werelds Eenzaamste Boom.

We passeren de hutten die in het seizoen worden gebruikt door medewerkers van het Nieuw-Zeelandse Department of Conservation (DOC) en de meteorologische dienst. Precies bij deze aanlegsteiger vinden we een Campbell-taling, een zeer gewilde soort onder de vogelaars aan boord. Onze zodiacgids omschrijft het voorzichtig als een “bruine eend”, in de hoop ze niet al te erg te beledigen. De taling is opnieuw uitgezet op Campbell Island nadat het eiland rattenvrij was gemaakt (de ratten waren hun grootste vijanden).

Campbell Island

Na anderhalf uur begint het aanhoudend te regenen en wordt de zodiactocht ingekort. Hoewel mijn camera het grootste deel van de tijd in een waterdichte tas zat, is hij nat geworden en werkt hij de rest van de dag niet meer.

Wandeling over de Col Lyall Boardwalk
Na de lunch aan boord gaan we Campbell te voet verkennen. Niemand, zelfs het Department of Conservation (DOC) niet, is sinds het einde van het vorige seizoen op het eiland geweest. We moesten dus uitvinden waar de albatrosnesten zijn en hoe de boardwalk eruitziet.

De Col Lyall boardwalk is een 4 km lange, smalle houten loopbrug. Hij is aangelegd op een ruiger terrein dan het vergelijkbare vlonderpad op Enderby Island, met een groter hoogteverschil. Onze grootste vijand hier is echter de wind: windvlagen blazen ons bijna omver. De man die voor me loopt wordt twee keer omver geduwd (hij is lang en dun). Gelukkig is de grond veen en gras, dus je landt zacht.

Campbell Island

Ik heb aan het begin van de wandeling een wandelstok meegenomen, en die komt goed van pas om tegenaan te leunen als de wind me omver dreigt te blazen. We hebben de wandelstokken eigenlijk meegenomen als tegenmaatregel tegen agressieve zeeleeuwen. We zien er maar één op dit pad, maar die zit precies tussen de DOC-hutten en wil niet weg. Eén van de gidsen weet hem na een tijdje bezig te houden, terwijl wij achter zijn rug langs sluipen.

De klim bergopwaarts vergt behoorlijk wat concentratie, maar ik neem genoeg pauzes om te genieten van het berglandschap met zijn fjordachtige natuurlijke haventjes. Het brengt ons naar een gebied waar albatrossen nestelen en waar je ze ook heel goed kunt zien vliegen. Door de regen en de wind kunnen we er niet zo van genieten als op Enderby Island. De vogelaars zijn echter blij, want onze vogelgids weet ook nog een Campbell-snip voor ze te vinden. Deze kleine vogel heeft ook geprofiteerd van de uitroeiing van ratten op het eiland.

Campbell Island

Op de terugweg doe ik het rustig aan en probeer ik interessante planten te vinden. De plantenwereld (inclusief megakruiden) hier op Campbell is net zo interessant als op Enderby Island, maar er is veel polgras dat het landschap domineert.

Campbell Island

Als we bijna terug zijn bij de plek waar de zodiac gaat vertrekken, komen we weer een zeeleeuw tegen – de historicus van de expeditie probeert hem weg te lokken met zijn rugzak, net als een matador, maar het dier bijt er een paar keer naar. We hebben geleerd dat zeeleeuwen graag aan objecten snuffelen (zoals honden), maar deze is echt boos. Wederom blijkt achter de expeditieleden omlopen de veiligste optie voor ons.

Na vertrek uit Campbell met het cruiseschip was het plan om langs de kliffen aan de noordkust te varen, waar vooral Bull Rock vol zit met nestelende albatrossen (mollymawks). Maar de golven zijn opgelopen tot 5 meter hoogte en de toegang tot de dekken moet worden afgesloten: golven van 5 meter zorgen ervoor dat je constant heen en weer wordt geslingerd en je kunt niet meer zelf je koffie van het buffet naar je tafel brengen. Meestal hadden we tijdens de cruise 3 tot 4 meter. Dus ik heb deze nestelende vogels gemist, net als eerder een paar orka’s bij Macquarie en dolfijnen op de terugweg naar Bluff (omdat ik op de verkeerde plek was toen ze verschenen).

Zaterdag 6.12: Terugreis

Een volle dag op zee, met een reeks aan presentaties en het afscheidsdiner. Gedurende de dag verminderen de wind en golven, dus het wordt een rustige laatste dag.

Zondag 7.12: Terug in Bluff

Als we wakker worden, liggen we al in de haven van Bluff. Het ontbijt is ook vroeg, want voordat we van boord mogen moeten we nog eerst een rondje doen langs de Nieuw-Zeelandse immigratie en douane. De vertegenwoordigers van beide instanties zijn aan boord gekomen en hebben zich opgesteld in de grote zaal. Per dek worden we opgeroepen om langs te gaan.

Daarna is het afscheid daadwerkelijk gekomen. Bussen brengen ons naar Invercargill Airport, Queenstown stad of Queenstown Airport, naar gelang je opgegeven hebt. Ik maak de rit van 3 uur terug naar Queenstown Airport.

Praktische info

Voorbereidingen

Ik boekte deze cruise al anderhalf jaar vantevoren! Dat was niet echt nodig geweest, maar toen ik eenmaal wist dat ik dit wilde voor mijn #1000 kon ik niet meer wachten. De afhandeling is heel professioneel, ze hebben zelfs een speciale betalingsservice om de grote bedragen zonder problemen hun kant op te krijgen.

Verder schafte ik een speciale reisverzekering aan. Normaal gesproken reis ik alleen met mijn (wereldwijde) zorgverzekering en zonder reisverzekering, maar voor een cruise zoals deze is het noodzakelijk om een ​​aanvullende verzekering af te sluiten voor redding en medische evacuatie. Een reddingsoperatie op de Subantarctische eilanden kan meer dan 150.000 dollar kosten, dus de polis moet dat bedrag minstens dekken. De dekking moet niet alleen betrekking hebben op de cruise op het hoofdschip, maar ook op de landingen en de zodiac-tochten. Een verzekering is verplicht en je moet de gegevens delen met de cruisemaatschappij. Uiteindelijk heb ik een verzekering afgesloten bij World Nomads – ze zijn redelijk goedkoop (ik betaalde 82 euro voor 12 dagen). Dit omvatte ook een annuleringsverzekering tot 10.000 dollar, wat ook geen slecht idee is voor een reis van deze prijs.

Vervoer

De Heritage Adventurer is een enorm, ijswaardig cruiseschip, voor slechts 140 betalende passagiers. Het van oorsprong Finse schip is in 2022 volledig gerenoveerd door de huidige eigenaar, Heritage Expeditions. Het is comfortabeler en ruimer gemaakt. Erbij horen 14 zodiacs, waarmee (bij 10 passagiers per zodiac) alle passagiers er tegelijk op uit kunnen.

Door de grootte en de stabilisatoren voelde je de golven niet al te erg. Ik heb niet snel last van zeeziekte en heb, afgezien van de eerste nacht toen het werd aangeraden door de expeditieleiding, geen medicatie genomen.

Overnachtingen

Ik overnachtte in een ‘Main Deck Single’ – dit is de goedkoopste eenpersoonskamer. Alle kamers op de Heritage Adventurer zijn even ruim, dus ik had niks te klagen. Naast een groot bed zijn er een zitje, een bureau en vele kasten. De “TV” is ook belangrijk: het is in feite een computerscherm waarop je het intranet van het schip kunt bezoeken. Daarop het o zo belangrijke Daily Program en ook het weer en enkele videos met documentaires.

De badkamer is ook verrassend goed uitgerust, met in een oogwenk warm water met een redelijke druk uit de douche.

Eten

Het eten was overvloedig en op zich ook goed, alhoewel niet altijd wat ikzelf zou hebben uitgekozen. Naast de formele maaltijden kun je tussendoor ook snacken uit glazen potten met koekjes en snoep. En er zijn meerdere koffiemachines.

Ontbijt

Het ontbijt at ik meestal in de Bistro: deze opende eerder en bood een continentaal ontbijtbuffet. In de grote eetzaal kon je terecht voor warme gerechten en meer keuze, maar dat was aan mij niet besteed.

Lunch

Ook hier kun je kiezen tussen de Bistro of de grote eetzaal. De laatste was me veel te formeel. De Bistro was prettig kleinschalig en bood een vaste keuze uit een vijftal opties (zoals kipfilet sandwich met lekkere frietjes).

Diner

Het diner werd alleen geserveerd in de grote eetzaal. Deze is groot genoeg om iedereen ruim te herbergen. De setting was mij wat te formeel, maar het personeel was erg snel in het serveren zodat je zelfs met drie gangen je in een half uur klaar was. Het keuzemenu was iedere dag anders, met in ieder geval vlees (biefstuk of lam), vis en vegetarisch als opties. De vegetarische keuzes zagen er niet al te indrukwekkend uit, en ook de andere hoofdgerechten waren wat saai. Het is denk ik wat je krijgt als een Duitse kok moet koken voor een oudere doelgroep.

De toetjes waren wel vaak lekker, en af en toe was er een goede (meer pittige) soep als voorgerecht.

Kosten

De goedkoopste optie op dit schip is 9.500 EUR, voor een bed in een driepersoonshut. Ik had de goedkoopste eenpersoonshut, voor 13.000 EUR.

Daar bovenop komen nog andere kosten, zoals:

  • Internationale vluchten van en naar het vertrekpunt (Queenstown) in Nieuw-Zeeland.
  • Conservation & landing fees: deze zouden in de cruiseprijs moeten zitten, maar kunnen tussentijds worden verhoogd door Australië en Nieuw-Zeeland. Wij kregen bericht 184 EUR bij te betalen, waarvan 65 USD later werd teruggestort.
  • Speciale evacuatieverzekering (zie hierboven): 82 EUR.
  • WIFI: een voucher kostte 25 USD per 10 GB aan boord.
  • Persoonlijke uitgaven: drankjes buiten de maaltijden om, was. Ik verbruikte 20 USD.
  • Fooien: 15-20 USD per dag, dus 165-220 USD voor 11 nachten.

Leave a comment