World Heritage Traveller

Roemenië 2024

Written by:

  1. Via Eindhoven naar Cluj
  2. Porolissum en Alba Iulia
  3. Târgu Jiu
  4. Rosia Montana
  5. Cluj-Napoca

Via Eindhoven naar Cluj

14 April 2024 • 26°

De vlucht naar Cluj vertrekt vanaf vliegveld Eindhoven, dus ik beweeg me deze zondag rustig zuidwaarts per trein. Bij Utrecht Centraal lunch ik met een Cheeseburger van Five Guys.

Dan is het nog een minuut of 50 naar Eindhoven Centraal. Daar pak ik de overvolle bus 401 naar het vliegveld. De security controle stelt weinig voor en Roemenie zit sinds dit jaar ook in Schengen, dus er is geen paspoortcontrole meer.

Er rest dus nog bijna 2 uur om me op het vliegveld te vermaken. Van een vorige keer dat ik hier vertrok weet ik nog dat het een rommelig en vol gebouw was, en dat is het nog steeds. Ik vind gelukkig wel een plekje om te zitten. De vlucht met Wizzair is ook helemaal vol. Hij vertrekt op tijd en we komen zelfs 20 minuten te vroeg aan. Bij Alamo haal ik mijn huurauto op en rijd in een kwartiertje naar het hotel.

Porolissum en Alba Iulia

15 April 2024 • 29°

Omdat de Dacisch-Romeinse Limes misschien dit jaar werelderfgoed wordt, maak ik een omweg van 1.5 uur naar het noorden. Daar liggen de resten van Porolissum, in 106 na Christus gesticht als een Romeins fort dat dankzij de handel met de lokale Daciërs uitgroeide tot een grote stad. Het was het verdedigingscentrum van de 200 km lange Limes Porolissensis, die barbaarse invasies via de Karpaten moest tegengaan.

Porolissum wordt al vanaf 60 km afstand geadverteerd door borden langs de weg. Er is niet veel anders van toeristisch belang in de wijdere omgeving, hoewel de houten kerken van de Muramures niet ver weg zijn en je hier ook mooie houten kerken langs de weg ziet. Net als de Maramures, die ik in 2010 bezocht, is dit een arm gebied waar nog steeds paard-en-koetsen op de weg te zien zijn en Roma-gemeenschappen in ellende leven.

De bewegwijzering naar het terrein is uitstekend tot ongeveer 100 meter voor de ingang: ik vraag het uiteindelijk bij een souvenirwinkel – de ingang is rechtsaf en er zit een kleine hobbel in de weg waardoor je de parkeerplaats en de wachtpost niet kunt zien. De entree kost 11 lei en kan (contant) worden betaald aan de dienstdoende bewaker.

Porolissum

Ik ben de enige bezoeker, als je twee reeën buiten beschouwing laat die ik tussen de ruïnes zag grazen. Het is een grote site, een bezoek duurt minimaal 1,5 uur. Het bestaat uit het ommuurde militaire fort in het centrum en civiele structuren eromheen. Aan het begin van de route tref ik wat tijdens de voorbereiding mijn aandacht had getrokken: de Tempel van Bel. Dit heiligdom voor de oosterse god Bel/Baal werd opgericht door Romeinse soldaten die afkomstig waren uit Palmyra. Ze waren gestationeerd in Porolissum om open ruimtes van de vlakte te verdedigen, aangezien ze gespecialiseerde boogschutters waren.

Via een stuk Romeinse weg en langs de contouren van civiele bouwwerken zoals een restaurant en een sarcofaag die volgens de Romeinse traditie naast de weg is geplaatst, bereik je de hoofdpoort van het kamp “die tegenover de vijand stond”: Porta Praetoria. Dit is een volledige reconstructie en – volgens het begeleidende bord – ook niet zo’n nauwkeurige. Ik merk ook dat er veel moderne mortel werd gebruikt om de andere verwoeste gebouwen bij elkaar te houden. Overal staan uitstekende informatieborden in het Roemeens en Engels. De bewegwijzering ontbreekt echter in het algemeen, dus je moet op maps.me kijken of een foto maken van de overzichtskaart die bij de ingang te vinden is om er zeker van te zijn dat je geen belangrijke bezienswaardigheid mist.

Het amfitheater kan gemakkelijk over het hoofd worden gezien, aangezien het aan de andere kant van het kamp ligt, en dan een stukje bergafwaarts gaat. Er was plaats voor 5.500 toeschouwers. Waarschijnlijk werd het alleen gebruikt voor dierengevechten, omdat het te duur zou zijn geweest om gladiatoren helemaal hierheen te laten komen.

Porolissum

Dan wacht weer grotendeels weer dezelfde weg terug, met slechts een klein stuk snelweg. Om half 3 arriveer ik in Alba Iulia.

Ik ga eerst inchecken in mijn pension, Pensiunea Marylou. Daar laat ik de auto achter en ga in de stralende zon te voet naar het historische stadscentrum. Dit bestaat uit een 18de eeuwse citadel in Vauban-stijl, die gevuld is met gebouwen meest uit de Habsburgse tijd. Er zijn ook resten uit de Romeinse tijd naar boven gekomen, maar die zijn niet zo prominent.

Alba Iulia valt op omdat het er zo netjes is. In het oude hart zijn auto’s ook verboden. Het staat er vol met standbeelden van historische figuren, vaak in opvallende kledij. Omdat het maandag is zijn alle musea gesloten, dus ik kan nergens naar binnen. De stad heeft ook een belangrijke link met het (voormalige) Roemeense koningshuis. Op het centrale plein staat een piramide-vorming monument met foto’s ter nagedachtenis aan hen. En het was de plek waar de Unie tussen het Koninkrijk Roemenië en Transylvanië werd bevestigd in 1918, waardoor Roemenië de grenzen kreeg die het nu heeft.

Alba Iulia

‘s Avonds eet ik in één van de winkelstraten zalm bij Limani fish en souvlaki.

Târgu Jiu

16 April 2024 • 28°

Bij het ontbijt verwennen ze me vanmorgen. “Sorry we hebben geen buffet omdat je de enige gast bent”. Maar ik krijg mijn eigen tafel vol met lekkers. Dat is ook wel nodig want ik moet weer een eind rijden vandaag.

Ik rijd naar Targu Jiu, de ‘volgende’ grote stad in het noordwesten van Roemenië. Over de 200km doe je 3 uur. Ze kunnen hier echt nog wel wat moderne infrastructuur gebruiken. In Targu Jiu rijd ik eerst naar een buitenwijk waar de ‘Eindeloze Kolom’ staat. Dit is een bijna 30m hoge sculptuur van Brancusi. Hij staat in het midden van een parkje, en wordt zelfs min of meer bewaakt (je mag het niet aanraken, er zijn toezichthouders). Het is een fascinerend ding, des te meer omdat ik vorig jaar een kleinere houten versie gezien heb ik het MoMA in New York. De kolom vormt samen met een aantal andere monumenten een toekomstig werelderfgoed.

Targu Jiu

Voor het tweede deel daarvan moet ik het centrum van de stad in. Zoals ik al dacht blijkt parkeren lastig, dus ik wijk maar uit naar een parkeerplaats bij een supermarkt en loop dan in een minuut of 20 terug. De “Poort van de kus” en de “Tafel van de stilte” staan in een stadspark. Ook hier weer die opzichters, zodat je er niet op gaat zitten. Via de Poort van de Kus heb je zicht op een as door de stad die naar de 1.6km verder gelegen Eindeloze Kolom leidt.

Targu Jiu

Veel meer dan een paar minuten spendeer je hier niet. Ik ga daarna maar lunchen bij ‘Super Bistro by Anna’ waar je leuk kunt zitten en de pizza is prima.

Op de terugrit rijd ik nog langs het openluchtmuseum in Gorj. Het is nogal vergane glorie, hoewel er mensen aan het werk zijn om onkruid weg te halen. Ik kom er eigenlijk voor de Cula Gheorghe Tatarescu, een traditioneel huis van deze regio en ook op de Voorlopige Lijst voor het Werelderfgoed. Het is niet echt de moeite waard.

Cula Gheorghe Tatarescu

Rosia Montana

16 April 2024 • 27°

Vandaag is het een Grote Dag, want mijn 900ste werelderfgoed staat op het programma. Vanaf Alba Iulia is het 70km rijden naar Rosia Montana. Je doet er bijna anderhalf uur over omdat het bergwegen zijn met veel draaien en keren en je steeds door dorpjes rijdt.

Een paar dagen geleden heb ik het mijnmuseum in Rosia Montana een e-mail gestuurd in het Engels en (Google Translated) Roemeens om mijn komst aan te kondigen. Ik kreeg snel antwoord dat ze op mij zouden wachten. Het bleek gemakkelijk om er te komen met een huurauto. Net op het punt dat mijn Google Maps-navigatie aankondigde “Je bent gearriveerd”, zag ik aan de linkerkant van de weg een bord dat naar het mijnmuseum wees. Maar dat is het dan ook voor de routebeschrijving – geen ‘bruine borden’ en geen UNESCO-logo.

Op een regenachtige woensdagochtend om 10.30 uur vind ik de poort van het museumcomplex gesloten en een kleine zwarte hond blaft zich suf naar deze eenzame bezoeker. De deur rechts staat echter open en ik vertel de man die verschijnt dat ik de mijn wil bezoeken. Hij lijkt zich te herinneren dat hij mijn e-mail heeft ontvangen, hoewel hij zich nog steeds zichtbaar zorgen maakt over hoe hij de regel van ‘minimaal 5 personen voor een rondleiding’ moet toepassen (ik heb hem al verteld dat ik voor 5 zou betalen – de toegang is 20 Lei, dus 5x is ongeveer 20 EUR).

Rosia Montana

Als dat geregeld is (ik krijg ook 5 kaartjes!), belt hij de gids. De door anderen aangeprezen ‘zeer unieke ingenieur-gids’ lijkt vervangen te zijn door een professionele jonge gids die goed Engels spreekt. De rondleiding duurt ongeveer een uur duren en bestaat uit drie delen. De gids spreekt vrijwel non-stop, meer een lezing gevend dan interacterend met de gast(en).

We starten ondergronds. Er is een lange neerwaartse trap uit de communistische tijd die je moet beklimmen voordat je het door de Romeinen opgegraven gedeelte betreedt. Geen helmen hier en geen lift! Het belangrijkste verschil tussen het werk van de Romeinse mijnwerkers en dat uit latere perioden in de mijngeschiedenis van Rosia Montana is dat de Romeinen nauwkeuriger en efficiënter werkten. Met alleen een hamer en een beitel maakten ze niet zo grote ruimtes als degenen die dynamiet gebruikten; ze deden precies wat nodig was om de goudaders te bereiken. De ingang die de Romeinen gebruikten om zo diep onder de grond te komen, is verloren gegaan.

Rosia Montana

Bovengronds doen we een rondleiding langs de machines die in het veld naast de mijningang staan – allemaal van latere datum natuurlijk, maar het geeft je een idee van hoe belangrijk de goudwinning voor deze regio bleef tot diep in de 20e eeuw. eeuw. Het gebied lag bezaaid met particuliere mijnen, totdat het communistische staatsmijnbedrijf daar een einde aan maakte. Dit veld omvat ook het lapidarium, waar Romeinse votiefaltaren en grafstenen worden bewaard die in de omgeving zijn gevonden. De belangrijkste archeologische vondsten in de Romeinse mijn waren kleitabletten die contracten beschrijven, maar helaas zijn die verspreid over de musea en universiteiten van het voormalige Habsburgse rijk. Vanwege hun fragiele karakter zullen ze waarschijnlijk ook niet worden tentoongesteld.

Rosia Montana

We sluiten de rondleiding af in het museum, gehuisvest in één van de kantoorgebouwen van het voormalige staatsmijnbedrijf. Foto’s tonen de lokale bevolking die naar goud zoekt in de rivieren en mijnbouw op grote hoogte in de dagbouwmijnen. Onder de arbeiders bevonden zich ook kinderen.

Rosia Montana

Als ik het museumgebouw verlaat, is de gids verdwenen, evenals de man bij de receptie. Alleen de kleine zwarte hond is er nog en staat erop mij weg te jagen.

Vervolgens heb ik nog 2 uur te gaan naar Cluj, waar ik mijn huurauto weer moet inleveren op het vliegveld. De rit verloopt zonder problemen, maar het parkeerterrein van het vliegveld blijkt onbereikbaar! Mannen in gele hesjes bewaken de twee ingangen – het lijk dat de slagbomen niet meer werken. Zelfs met een huurauto willen ze me niet doorlaten. Ik rijd nog maar een rondje maar de situatie verandert niet.

Uiteindelijk parkeer ik buiten de poort en bel het verhuurbedrijf. Iemand komt meteen naar buiten om me van de auto en de sleutels te verlossen. Vanaf de weg bij het vliegveld stap ik dan in de bus naar de stad. Hij rijdt niet zo ver als ik gedacht had, maar het is geen straf om even 20 minuten naar mijn hotel te lopen na een hele dag in de auto gezeten te hebben.

Cluj-Napoca

18 April 2024 • 27°

Mijn terugvlucht vertrekt pas om 13.25, dus in de ochtend heb ik nog tijd om de binnenstad van Cluj te verkennen. Er zijn veel monumentale gebouwen uit de 19de en begin 20ste eeuw, in stijlen die populair waren in het Oostenrijks-Hongaarse Rijk waartoe Cluj destijds behoorde. Het theater is wellicht het mooiste.

Cluj-Napoca

Naar het vliegveld ga ik weer met de stadsbus. Bus 5 en 8 rijden erheen vanaf het centrum. Net als gisteren valt het me op hoe vol de bussen hier zijn, misschien omdat een ritje zo goedkoop is? Een los kaartje kost 0,60 EUR maar veel mensen hebben een abonnement dat voor 60+-ers wel bijna gratis moet zijn.

Op het vliegveld van Cluj zelf is weinig te beleven. Ze zijn aan het verbouwen dus er zijn nauwelijks winkels of restaurants open. We kunnen gelukkig al vroeg boarden en vertrekken op tijd. Op Eindhoven Airport eet ik snel iets bij de McDonalds en pak dan de bus+trein naar huis, waar ik rond half 6 aankom.

Leave a comment