Deel 4 van mijn Reis van Miami naar Patagonië in 2024, die me door Uruguay voert en gestart is in de VS, Jamaica en de Dominicaanse Republiek en doorgaat naar Argentinië en Chili.
Atlantida
20 February 2024 – 27°
Het vliegtuig is er al voor 6 uur. Het was een sobere bedoening- geen films, geen eten, geen verstelbare stoel. Gelukkig heb ik wel wat geslapen.
Uruguay binnenkomen gaat vlot, je kunt je paspoort zelf scannen. Het is een modern vliegveld waar ook zo vroeg in de ochtend al van alles te regelen valt. Ik begin met een ontbijtje bij het McCafe.
De bussen naar de stad stoppen voor de deur van de aankomsthal en rijden frequent. Voor 95 pesos (3 eur) kan ik naar het centrum van de stad. Dat is wel weer even wat aantrekkelijker dan al dat gedoe met dure taxi’s in de Cariben. Tres Cruces is het grootste busstation van de stad. Zoals meestal in Zuid-Amerika heeft iedere maatschappij zijn eigen loket. Ik koop vast een kaartje naar Fray Bentos voor a.s. donderdag. En voor nu eentje naar Atlantida.

De bus dropt me zoals verwacht langs de rand van de snelweg, vanwaar het nog 40 minuten lopen is naar de kerk van Atlantida, een werelderfgoed. Op maps.me vind ik een directe route, wat een verlaten zandweg blijkt te zijn. Het is erg heet en er is weinig beschutting, dus ik ben blij als ik in de verte de kerktoren zie.

De deur van de kerk staat open, ze zijn aan het schoonmaken. Even later arriveert er nog een andere toerist. De buitenkant is echter indrukwekkender dan het binnenste: het gebouw van de Uruguayaanse architect Dieste staat bekend om zijn gebogen bakstenen muren. Het is zo vreemd een onorthodox kerkgebouw als dit zomaar ergens op het platteland te zien.

Terug loop ik via de asfaltweg, wat het voordeel heeft dat er ook stalletjes zijn waar je een koud drankje kunt kopen. Als ik weer bij de grote weg kom aanlopen stopt er net een bus naar Montevideo. Het kaartje is bijna de helft van de prijs van vanochtend, het is ook een wat oudere bus die vaak stopt. Maar hij brengt me naar het busstation het dichtst bij mijn hotel dus ik ben zeer tevreden.
Terug in Montevideo eet ik gebakken rijst met zeevruchten. Het eten is hier opvallend duur (Uruguay staat nummer 1 in de McDonald index van Zuid-Amerika). Het enige voordeel is dat als je met een buitenlandse creditcard betaalt, je geen BTW hoeft te betalen. Ik check in in mijn sfeervolle Palacio Hotel en haal wat slaap in. Aan het einde van de middag loop ik een rondje door het centrum en eet en drink wat bij Starbucks.
Montevideo
21 February 2024 – 28°
Het hotel heeft officieel geen ontbijt, maar ze serveren wel koffie en zoete broodjes in de ochtend. Ik tref er een Zweedse die al sinds september in Zuid-Amerika onderweg is – het is een zeur en alles gaat bij haar mis, dus ik ontsnap snel de stad in.
Ik heb voor mezelf een wandelroute bedacht langs de 20ste eeuwse architectuur van Montevideo. De gebouwen liggen overal verspreid, maar ik heb er drie clusters van gemaakt.
Cluster 1: Oude stad
De Oude Stad is niet het leukste deel van de stad, vooral niet buiten kantooruren. Het bevat echter een aantal mooie gebouwen:
– Edificio Centenario: de vorm past bij zijn positie op een straathoek. – Palacio Salvo : ooit het hoogste bouwwerk in Zuid-Amerika, en nog steeds is de 95 meter hoge toren het herkenningspunt van het stadscentrum. De eclectische stijl combineert Art Deco, Art Nouveau en Neo-Barok.

– Palacio Rinaldi: aan de overkant van het Salvo, valt erdoor in het niet, maar heeft mooie art-deco gevelreliëfs.
– Palacio New York: klein gebouw met een mooie Art Deco-ingang.
– Palacio Lapido ook aan de hoofdboulevard, Avenida 18 juli. 12 verdiepingen die om een hoek buigen.
Cluster 2: Parque José Batlle en Ordoñez
Ik neem een Uber om de 5 km naar het gebied rond Parque José Batlle y Ordoñez te overbruggen. Het park biedt allerlei sport- en recreatiegebieden, waaronder een wielerbaan. Het wordt zo te zien ook vaak gebruikt door rijscholen – veel bochten om te oefenen en nauwelijks verkeer!
Blikvanger hier is het Estadio Centenario: het nationale voetbalstadion van Uruguay, gebouwd voor het eerste WK in 1930. Het is een symbool van het land en staat zelfs op de Starbucks-mok van Uruguay. Het heeft een aantal Art Deco elementen, zoals de toren.

Aan de overkant van het stadion ligt het Hospital de Clinicas. Ik zou het stalinistisch willen noemen…
Cluster 3: Punta Carretas
Ik loop dan in ongeveer 40 minuten zuidwaarts van het stadion naar het volgende cluster. Dit is een zeer chique buurt en aangenaam om doorheen te lopen. Modernistische hoogtepunten hier zijn:
– Edificio El Indio: bekend om zijn enorme muurschildering van een Indiaan op een paard.

– Edificio Mariposas: net links van de Indio. Er staan ook geveltekeningen op, in dit geval van vlinders.
– Casa Vilamajó: dit was het huis van architect Julio Vilamajó Echaniz en heeft geglazuurde tegeldecoraties.
Ook voor de lunch is dit gebied goed, er zijn veel mogelijkheden in verschillende prijsklassen.
Daarna kun je een rechtstreekse bus terug nemen naar de oude stad (Ciudad Vieja), maar ik loop nog eens 4 km over de Rambla (een ander mogelijk toekomstig werelderfgoed van Montevideo). Het is heet, en ik pauzeer zo nu en dan door op de bankjes te gaan zitten die de barrière vormen met de rivier. Er zitten veel watervogels en er waait een frisse wind.

In de namiddag blijf ik op mijn kamer. Voor het avondeten haal ik wat bij een supermarkt in de buurt.
Fray Bentos
22 February 2024 – 36°
Met een Uber laat ik me naar het Tres Cruces busstation brengen. Hier koop ik eerst ontbijt en stap dan op de bus van 8 uur naar Fray Bentos met de maatschappij CUT. Het is een moderne, ruime bus die lang niet volzit. Onderweg is er niet veel te zien, wat akkers en weides. Wat is het toch een slaperig land.
Om half 1 zijn we in de plaats Fray Bentos. Ik loop eerst naar mijn hotel (Posada del Frayle Bentos). Het is het eerste ‘echte’ hotel van deze reis.
Ik ben hier voor het industriële erfgoed van Fray Bentos. Dat ligt in een buitenwijk genaamd Barrio Anglo. Ik loop er in 40 minuten naar toe, meest over een speciaal aangelegd pad. Je komt eerst door de fabriekswijk, hier woonden de duizenden arbeiders die in de vleesfabriek werkten. Deze werd hier met Britse investeringen opgericht omdat er veel vee en een bevaarbare rivier voorhanden waren. De vleesproducten gingen verpakt in blik en bevroren naar Engeland en de VS. Vooral om en tijdens de Wereldoorlogen was het populair voedsel voor de soldaten en de armere bevolking.

Het bedrijfsterrein is nu een monument. Je kunt het bezoeken met een gids vanaf het museum. Ze verontschuldigen zich hevig dat ze geen Engelse gids beschikbaar hebben, maar ik kan om 3 uur met een Spaanstalige tour mee. De Engelse gids verschijnt toch nog even voordat hij naar huis gaat en laat me de machinekamer zien.

De tour duurt anderhalf uur en er komt nog een Uruguayaans stel opdagen. We krijgen de verschillende ruimtes van het vleesverwerkingsproces te zien. Het zijn enorme hallen waar nog wat vervallen machinerie aan de oude tijden doet denken. Vooral het feit dat ze in dit klimaat alles gekoeld wisten te krijgen is indrukwekkend.

Tegen 5 uur ben ik weer in het hotel. Na me even opgefrist te hebben ga ik op zoek naar iets te eten. Helianthus lunchcafe is open tot 19.30 en je kunt er leuk zitten. Maar echt eten kun je er na 3 uur ‘s middags niet meer zo. Dus ik houd het bij een broodje gezond. Veel andere restaurants in de stad staan leeg of zijn pas vanaf 8 uur ‘s avonds open.
Colonia
23 February 2024 – 27°
De bus van Grupo Agencia vertrekt om 9.45 uur. Het is drukker in de bus dan gisteren, zeker op het eerste stuk in de omgeving van Mercedes waar veel mensen in en uitstappen.
Drie uur en vijftig minuten later zijn we in Colonia. Ik was hier al eens eerder, in 2008, als een dagtocht vanuit Buenos Aires. Nu ga ik er vooral even goed lunchen, dat is er de afgelopen dagen nogal bij ingeschoten.
Na het eten maak ik nog een rondje door de straten van de oude stad. Het valt niet echt mee – overal staan auto’s geparkeerd of zie je reclame voor de vele restaurants en souvenirwinkels. Ook word ik de hele tijd lastig gevallen door muggen.

Ik ga dus maar op tijd naar de veerboot. Daar moet je eerst inchecken en dan door de Uruguayaanse en Argentijnse grenscontroles. Het is er druk maar het verloopt vlot. De boot vertrekt om 7.01 en heeft vele honderden passagiers. Je ziet hier ook veel meer buitenlandse toeristen dan ik de afgelopen dagen in Uruguay heb gezien.

Lees verder in Deel 5: Argentinië
Leave a comment