World Heritage Traveller

Azoren 2017

Written by:

  1. Route
  2. #634: Angra do Heroismo
  3. Fortenwandeling Saõ Sebastiaõ
  4. Algar do Carvaõ
  5. #635: Pico
  6. Walvissen en dolfijnen
  7. Faial
  8. Terugblik Azoren 2017
    1. Vervoer
    2. Hotels
    3. Eten
    4. Kosten

Route

Door werkverplichtingen ben ik erg laat met mijn “voorseizoen”-vakantie dit jaar, en heb ik zelfs de geplande trip naar Kazakhstan & Kirgizië moeten annuleren. Het is inmiddels al bijna juli, wat betekent dat de schoolvakanties gaan beginnen, het overal veel drukker wordt en het ook nog eens heel warm kan zijn.

Gelukkig heb ik op mijn reisverlanglijst nog een paar opties voor een “koude zomervakantie”: IJsland moet er toch nog een keer van komen, maar nu kies ik eerst voor de Azoren. Midden in de Atlantische Oceaan, halverwege tussen Portugal en de Verenigde Staten. Ik overnacht er op twee eilanden: Terceira en Pico. Ruige natuur, beetje wandelen, twee werelderfgoederen bekijken.

De globale reisroute is als volgt:

DatumProgrammaVerblijf
29 juniRechtstreekse vlucht met TUI van Amsterdam naar het eiland Terceira op de Azoren. Vertrek om 7.20 uur, aankomst om 9.55 uur (het is 2 uur vroeger). In de middag al het centrum van de hoofdstad Angra do Heroismo bekijken (werelderfgoed #1). Angra was een belangrijke havenstad in de tijd van de grote ontdekkingsreizen.Pousada Castelo de S. Sebastiao, Angra do Heroisme (Terceira)
30 juniWandeling langs oude forten aan de zuidoostkant van Terceira.Angra do Heroisme (Terceira)
1 juliBezoek aan Algar do Carvao en Furnas do Enxofre, twee plekken die op de lijst van mogelijk toekomstig werelderfgoed staan. Het zijn lava tunnels en zwavelgaten.Angra do Heroisme (Terceira)
2 juliBinnenlandse vlucht naar het eiland Pico met de luchtvaartmaatschappij SATA: van 9.35 tot 10.10 uur. Bezoek aan werelderfgoed #2: de voormalige wijnbouwgronden, aangelegd op lava. Het bezoekerscentrum is vanaf Lejida te voet te bereiken.Alma do Pico, Madalena (Pico)
3 juliDagtocht per veerboot naar het eiland Faial, of nog wat wandelen op Pico eiland.Madalena (Pico)
4 juliWalvis- en dolfijnenexcursie van een halve dag vanaf de haven van Madalena.Madalena (Pico)
5 juliBezoek aan Sao Roque, waar de oude walvisfabriek en boothuizen zijn omgevormd tot een museum. Later op de dag terugvliegen naar Terceira, 16.35 – 17.10 uur.Angra do Heroismo (Terceira)
6 juliTerugvlucht naar Nederland met TUI: 10.20 – 18.10 uur.Thuis

#634: Angra do Heroismo

Wat is het?
Angra do Heroismo was sinds de 15e eeuw een belangrijke tussenstop op de Atlantische route tussen Europa en Amerika. De haven werd tegen piraten beschermd door twee grote forten en enkele kleinere. Angra werd door de Portugezen gesticht en is de oudste stad op de Azoren. In 1980 werd de havenstad getroffen door een zware aardbeving, waarbij 70% van de gebouwen volledig vernietigd werd inclusief het oude centrum.

2017-06-29 10.11.23

Cijfer: 7 (Het is een groene stad die zeker met mooi weer de moeite waard is. Er wonen 20.000 mensen en het toerisme is kleinschalig. Erg spectaculair is het allemaal niet, maar de ligging aan de baai en het zicht over de oceaan is prachtig.).

Toegang: Toegang tot de kathedraal en het museum kost elk 2 EUR.

Hoeveel tijd: De wandeling langs alle hoogtepunten van de stad die staat beschreven in mijn reisgids duurt anderhalf uur. Ikzelf houd het er 3 uur vol  inclusief een paar pauzes – rechtstreeks vanaf het vliegtuig mét bepakking.

Opvallend: Mijn TUI-vlucht, vol met Nederlandse 50-plussers, staat al om 9 uur aan de grond op Terceira. Op dit eiland van de Azoren ligt het eerste werelderfgoed van deze reis: Angra do Heroismo. Het is nog veel te vroeg om in te checken bij mijn hotel, dus ik ga meteen maar het centrum verkennen.  Vlakbij de haven staat een prachtige blauwe kerk.

Angra heeft tegenwoordig weer een haven voor plezierjachten, maar je mist wel de echte bedrijvigheid van een vissersplaats. Zo komt het over als een beschaafd plaatsje, waar de inwoners hun dagelijkse dingen doen te midden van de fris in de verf staande gerestaureerde historische gebouwen. Veel toeristen zijn er niet.

De stad ligt tegen een helling, dus mijn rondwandeling vergt de nodige inspanning. De straten bestaan uit kinderkopjes, wat een wandeling in de regen wel heel avontuurlijk zal maken. Ik ga bij de kathedraal naar binnen, maar die valt tegen – deze is zwaar getroffen tijdens de aardbeving van 1980 en ook nog eens door een grote brand in 1985. Hij ziet er nu erg nieuw en sober uit.

2017-06-29 11.10.11

In het centrum ligt ook een botanische tuin met lokale en overzeese planten. Een prima plek voor een tussenstop. Daarna moet ik namelijk nog veel verder de heuvel op, naar een vreemde oranje obelisk, een monument ter nagedachtenis aan een oude Portugese koning. Daarvandaan heb je het beste uitzicht over de stad en de baai.

Ik heb inmiddels wel trek in lunch – het is 2 uur vroeger op de Azoren dan in Nederland, dus volgens mijn biologische klok moet ik al lang iets eten. Ik sta echter plots voor het stadsmuseum. Dat ligt in een voormalig klooster.  Ik besluit er toch maar naar binnen te gaan, en krijg daar geen spijt van. Vooral de barokke kloosterkerk is schitterend, vol met gekleurd marmer en de beroemde Portugese blauwe tegeltjes (de azulejos).

2017-06-29 11.49.11

Het museum zelf laat de geschiedenis van de Azoren en met name het eiland Terceira zien. Nou, heel veel is er niet gebeurd. De inwoners leidden een bescheiden boerenleven, af en toe kwam er een buitenlandse strijdmacht langs om de havenstad Angra te belegeren.

De lunch gebruik ik in het centrum van Angra, bij Tasca das Tias. Dat is zo ongeveer het enige restaurant van de stad met pretentie (de lokale inwoners lijken liever bij de snackbar te zitten). Ik eet er een goede tonijnsteak. Vervolgens loop ik weer een heuvel op, dit keer naar het fort van de heilige Sebastiaan. Dit fort dat eens zo fier de havenstad bewaakte is nu omgebouwd tot hotel. Hier verblijf ik de komende drie nachten. Aan de buitenkant ziet het er nog authentiek uit, maar van binnen is het modern en een beetje saai.

2017-06-29 15.18.04

Fortenwandeling Saõ Sebastiaõ

Wandelen is een populair tijdverdrijf onder toeristen op de Azoren. Waarschijnlijk omdat er verder weinig te beleven valt. Zowel op Terceira als op Pico heb ik voor mezelf ook enkele wandelingen uitgezocht. Ik begin vandaag met een wandelroute langs oude forten aan de zuidoostkust van Terceira. De tocht is 5,7 kilometer lang en gaat volgens de folder 2,5 uur duren.

Vanaf het centrum van Angra laat ik me met een taxi naar het startpunt brengen. De chauffeur ziet al meteen dat ik ga wandelen en weet ook precies waar ik moet zijn. Ik start bij de Farol das Contendas, een vuurtoren. Vooraf was ik een beetje bang dat ik het pad niet zou kunnen vinden, dus ik heb naast de folder met de wandelroute ook nog een wandelkaart en mijn telefoon met gps bij me. Dat blijkt echter nergens voor nodig: de route staat duidelijk met geel-rode strepen aangegeven.

2017-06-30 09.40.16

Het eerste stukje gaat over de asfaltweg, tussen de boerderijen en kassen door. Overal wonen wel mensen, maar ik kom niemand tegen. Al snel moet ik een kustpad inslaan. Het grootste deel van deze wandelroute loopt precies langs de rand van het eiland, steeds langs de kliffen. Hier bouwden de Portugezen hun forten ter verdediging van dit strategische eiland. Veel meer dan een paar muurtjes is er tegenwoordig niet meer van over. Wel geven ze toegang tot mooie vergezichten. Eén van de eersten is de Forte de Bom Jesus, die uitkijkt over een paar rotsen die vol zitten met zeevogels. Als je aan komt lopen is het één groot gekrijs.

2017-06-30 09.48.27

De wandeling staat geboekt als “eenvoudig”, maar aan het feit dat je 2,5 uur gaat doen over ruim 5 kilometer kun je wel zien dat hij voor een laaglandbewoner niet zo gemakkelijk is. Geen meter is hier vlak, het is continu sterk stijgen en dalen. Vanaf de rots met de krijsende vogels moet je bijvoorbeeld weer helemaal naar de top van de heuvel om wat speciale planten te bekijken – Azoorse heide.

2017-06-30 10.03.34

Aan de andere kant van de heuvel volgt een leuk intermezzo met koeien. Ze grazen op een heel steil weiland. Ik moet goed opletten dat ik heel beneden kom, en vanuit mijn ooghoeken in de gaten houden of de koeien geen kwaad in de zin hebben. Gelukkig zijn ze volledig geconcentreerd aan het grazen dus ik kan zo door de kudde heen lopen.

2017-06-30 10.38.48

Pas na de koeien kom ik de eerste andere wandelaars tegen – het is inmiddels half 11 geweest. Drie stellen komen me tegemoet. Zij zijn gestart vanaf het dorpje Sao Sebastiao, mijn eindpunt. De officiële richting is die ik volg, maar ik kan me voorstellen dat er mensen zijn die hem andersom lopen. Op het routekaartje is namelijk te zien dat de laatste anderhalve kilometer bestaat uit de steilste klim van de hele wandeling. Voor het vervoer terug naar Angra is het echter handiger om in het dorp Sao Sebastiao te eindigen in plaats van ergens langs de weg bij de vuurtoren.

2017-06-30 10.49.10

Het laatste deel van de wandeling gaat landinwaarts, tussen de landbouwgronden door. Uiteindelijk kom je dan weer in de bewoonde wereld, bij de dorpen Arrabalde en tot slot Sao Sebastiao. Precies 2,5 uur na vertrek bereik ik het eindpunt. Sao Sebastiao is een leuk dorpje om even rond te kijken. Er is een 15e eeuwse kerk met muurschilderingen, en verder zijn er diverse bonte kapelletjes (oud en nieuw). Het dorp heeft ook een bushalte op de route tussen Praia da Vitoria en Angra. Door de week gaat er elk uur een bus – een prettige verrassing dat ik geen taxi terug hoef te nemen. De bus komt al snel en het buskaartje kost slechts 1,52 EUR.

Imperio in Sao Sebastiao, Azoren

Algar do Carvaõ

Na een ochtend lummelen als een bejaarde in het centrum van Angra do Heroismo (ik zat op een bankje in het park te lezen, en daarna aan de haven) ga ik na de lunch toch nog wat actiefs doen. Door een taxi laat ik me naar Algar do Carvao brengen, een grot in het binnenland van Terceira.

Het is een tocht van 20 minuten, weer sterk bergopwaarts. Echt niet te lopen of te fietsen. Het binnenland is helemaal groen, met veel bloemen langs de kant van de weg. Bijzonder zijn vooral de heggen bestaande uit blauwe, witte of roze hortensia’s waar de weg tussendoor gaat. In de weilanden staan zwarte stieren.

Algar do Carvao is wel een serieuze toeristische attractie. De grot gaat pas om 2 uur open, maar er wachten al een stuk of 15 mensen voor de ingang als ik aankom. De entreeprijs van 6 EUR is ook fors voor Azoorse begrippen (voor dat geld heb je ook een dagmenu in een lokaal restaurant in Angra). Je krijgt er dan wel een Nederlandstalige folder over de grotten bij. Bij nalezen blijkt het wat Nederlands wat moeilijk te begrijpen te zijn, het zal wel een goedkope internetvertaling zijn geweest. Bij de entree tot de grotten is ook een uitgebreide souvenirwinkel.

De grotten van Algar do Carvao zijn ontstaan na een vulkaanuitbarsting zo’n 3200 jaar geleden. Je daalt er via een trappenstelsel zo’n 80 meter af in de kraterpijp. Op verschillende niveaus zijn er plateaus waar je even stil kunt staan om om je heen te kijken. Boven je hoofd is een groot gat waardoor de blauwe hemel te zien is. Rond de ingang is de krater begroeid met varens en mossen.

2017-07-01 14.33.13

Regenwater drupt voortdurend naar binnen, en maakt dat je moet uitkijken op de natte trappen. Op de bodem heeft dat geleid tot een heus meer, dat wel 15 meter diep schijnt te zijn. Verder is er druipsteen van (gebroken) wit silicum te zien.

2017-07-01 14.16.09

Algar do Carvao staat ook op de lijst van mogelijk toekomstig werelderfgoed. Het is één van de vijf opvallendste fysieke manifestaties op de Azoren van de Midden-Atlantische Rug, een grotendeels onder water liggende ‘berg’keten in de Atlantische Oceaan. De Noordamerikaanse, Euraziatische en Afrikaanse tektonische platen bewegen hier weg van elkaar, waardoor een laag uit het binnenste van de aarde omhoog komt en vulkanisme ontstaat.

#635: Pico

Wat is het?
Het wijnbouwlandschap van het eiland Pico omvat twee stroken land aan de kust van het op één na grootste eiland van de Azoren, waar op een ondergrond van gestolde lava druiven worden verbouwd. Binnen stenen omheiningen werden van oudsher druivenplanten tussen de kieren van de lavasteen geplant – zonder aarde. Dit deel van het vulkanische eiland was ongeschikt voor gewone landbouw.

2017-07-02 12.59.26

Cijfer: 7,5 (Het contrast tussen de groene druivenplanten en de zwarte vulkanische steen is prachtig. Er staan heel veel wijnbouwgebieden op de Werelderfgoedlijst, maar dit is zeker het meest bijzondere.).

Toegang: Het is een vrij groot gebied, een beschermd landschap maar ook nog gewoon productieve wijngaarden. Er lopen wegen en wandelpaden doorheen. Geen entreekosten.

Hoeveel tijd: Mijn wandeling door de zuidoostelijke strook duurde 2 uur. In het noorden, in de buurt van het vliegveld van Pico, kun je een vergelijkbare wandeling maken door de andere strook die onderdeel is van het werelderfgoed. Als je aan komt vliegen kun je het ook mooi zien liggen.

Opvallend: Na een korte vlucht vanaf Terceira sta ik al om 10 uur op Pico eiland. Ik breng eerst even mijn spullen naar mijn overnachtingsadres voor de komende 3 nachten. Daarna ga ik meteen op weg voor een wandeling door het werelderfgoed. Ik laat me weer met een taxi naar het vertrekpunt brengen: dat ligt in Porto do Calhau.

2017-07-02 12.36.25

De wandeling start op de geasfalteerde weg langs de kust. Het is een B-weg, er is weinig verkeer met uitzondering van wat badgasten die de harde stenen voor lief nemen en hier in zee gaan zwemmen of op de rotsen gaan liggen zonnen. De wandelroute die ik vandaag heb uitgekozen is 6,9 kilometer lang en gaat 2 uur duren. Hij gaat een stuk vlotter dus dan de fortenwandeling die ik een paar dagen geleden liep – hier langs de kust is het veel vlakker.

Alleen na een kilometer of zo moet je om een heuvel lopen, en daar is de weg stijgend en dalend. Ik zie hier ook weer veel Azoorse heide, en de eerste door muurtjes van losse stenen afgescheiden akkers met druivenplanten. Door de gestapelde lavastenen hebben de wijnranken minder te leiden onder de invloed van zee en wind.

2017-07-02 12.07.04

Het eiland Faial in de verte

Na de heuvel rest er slechts nog een open vlakte, vol met grijze hokjes van stenen waarin de wijngaarden liggen. Hoewel er een lekker briesje waait voel ik toch hoe ik geleidelijk aan begin te verbranden. Nergens is hier beschutting. Het moet ook een hele klus zijn om de druiven te plukken. Hier en daar staan stenen hutten, vast ter bescherming van de boeren en de plukkers. Helaas zijn alle toegangspoortjes gesloten.

De wandelroute gaat hier van de asfaltweg af, en voert via eerst een gravelweg en later een nauw stenen pad dwars door de ‘akkers’ heen.  Andere wandelaars kom ik niet tegen. En ook geen boeren – ik heb geen idee wanneer de druiven hier rijp worden, maar er zit nu in ieder geval niets aan.

2017-07-02 12.48.57

Op het einde van de wandeling kom je nog langs een felrode windmolen, vrij nieuw maar gebouw naar traditioneel model. Dan is het nog maar een klein stukje door naar het dorp. De route eindigt heel handig bij een visrestaurant. Het was een leuke wandeling, hoewel (als ik mijn verbrande neus en kuiten zo voel) misschien wat meer geschikt voor vroeger of later op de dag.

Walvissen en dolfijnen

De eigenaresse van het hotel waar ik verblijf in Madelena (Pico eiland) is er niet gerust op: donkere wolken trekken zich samen boven zee als ik om 8 uur klaar sta om naar de haven te wandelen. Walvistours zijn berucht onvoorspelbaar: als de zee te ruw is vertrekken de boten niet. Dat maakte ik vorig jaar nog mee in Zuid-Afrika.

DSC05435

Briefing in de haven

Als ik aankom bij het kantoortje van CW Azores hebben ze alles echter goed onder controle. Er vinden briefings voor de gasten plaats in 4 talen (Engels, Duits, Italiaans en Portugees), en iedereen wordt verzocht een aansprakelijkheidsverklaring te ondertekenen en de tourkosten van 65 EUR te betalen. Dat lijkt me voldoende teken dat de tocht doorgaat vandaag. Het is nog even wachten op signaal van de “spotters” langs de kust: vanaf land wordt doorgegeven als er walvissen gespot zijn, zodat de boot niet zomaar wat doelloos hoeft te zoeken.

De grote baleinwalvissen verblijven tijdelijk in de zee rond de Azoren, ze zijn vanaf maart op doorreis. Andere walvisachtigen zoals dolfijnen zijn hier het hele jaar. De Azoren zijn dan ook een goede plek voor walvis- en dolfijnentours.

Met zo’n 20 man aan boord racen we doelbewust de open zee op, ten noorden van het eiland Pico. Ik heb voor de zekerheid maar een tabletje tegen zeeziekte ingenomen, maar ik denk niet dat het nodig was geweest. Niemand aan boord werd ziek, en de zee was ook niet al te onstuimig. Net als bij safari’s is het meteen duidelijk waar wat te zien is aan de hand van aanwezigheid van de concurrentie. Een toeristenboot van het naburige eiland Faial ligt er al als we bij de eerste twee walvissen aankomen.

DSC05445

De beesten bevinden zich het meeste van de tijd onder water, dus het is altijd weer spannend om te zien waar ze boven komen om adem te halen. De schipper van onze boot is heel goed in het voorspellen: net voordat de walvis weer boven komt roept hij welke kant we op moeten kijken. Dat maakt het foto’s maken er overigens niet gemakkelijker op. Het is echt een drama om ze maar enigszins op de foto te krijgen. Grijze vis op grijze zee, die telkens maar een seconde of twee aan de oppervlakte is.

Voor vertrek heeft de gids op een informatiebord laten zien welke soorten walvissen hier leven. De exemplaren die we vandaag zien blijken uitsluitend ‘gewone’ vinvissen te zijn.

DSC05736

Na een half uur of zo gaan we het proberen met dolfijnen. Er danst een hele school rondom de boot, en gelukkig zijn ze niet zo schuw.  Ze springen klassiek boven het water uit, soms met een hele schroefdraai. Het zijn er tientallen, er zijn ook kleintjes bij. Met de boot zijn ze gemakkelijk bij te houden en we trekken een tijd met ze op. Eigenlijk een stuk leuker dan die logge walvissen.

DSC05572

Op de terugweg naar de haven van Madalena op Pico komen we nog een vinvis tegen. Daar blijven we ook een tijdje in de buurt om hem te observeren. Veel fotosucces heb ik ook hier niet. Ik maak gedurende de tocht van 3 uur maar liefst 316 foto’s. Daarvan zijn er slechts 16 het bewaren waard. Verder heb ik veel zeewater en onder water verdwijnende staartvinnen vastgelegd.

Faial

Vanaf de haven van Madalena op Pico, zelfs vanaf het terras van mijn hotel, is een ander eiland te zien: Faial. Het is makkelijk in een dagtocht te bezoeken omdat de overtocht per veerboot maar een half uur duurt én vaker vertrekt dan de gemiddelde bus op deze eilanden. Ik pakte de boot van 9.45 uur en ging om 17.15 uur terug. De overtocht kost 3,60 EUR.

DSC05774

Vanaf de haven van Horta. de grootste stad van Faial, stapte ik direct weer in een taxi om me naar het noordwestelijke puntje van het eiland te brengen. Hier ligt Capelinhos, een landschap gecreëerd door een reeks vulkaanuitbarstingen in de periode 1957-1958. Deze begonnen onder water, en zorgden er uiteindelijk voor dat het eiland ruim 2 vierkante kilometer groter werd. Nog steeds groeit er helemaal niks op dit stukje.

DSC05775

De vuurtoren van Capelinhos dateert van eind 19e eeuw, en is een symbool van de vernietigingen die de vulkaanuitbarstingen aanbrachten. Het onderste deel van de vuurtoren is onder de lava verdwenen. Net als trouwens een aantal huizen in de buurt. Niemand stierf overigens door de vulkaanuitbarsting, wel werd dit deel van het eiland verlaten en vertrokken veel inwoners als emigrant naar Amerika en Canada.

Terug naar Horta ga ik met de bus, één van de twee bussen per dag die langs Capelinhos komen.  Gelukkig had ik goed getimed. In Horta schoof ik aan in Geronimo’s restaurant voor een late lunch van 10 hele grote gamba’s.

DSC05802

Na Angra do Heroismo op Terceira is dit Horta wellicht het leukste plaatsje van de Azoren. Het trekt veel zeezeilers die de oceaan oversteken.

DSC05804

Horta heeft zelfs een heus stadsmuseum. De strategische ligging van de Azoren halverwege Europa en Amerika betekende dat het een belangrijk knooppunt was in de telegraafverbinding die vanaf eind 19e eeuw met onderzeese kabels was aangelegd.  Oude apparatuur staat in het museum uitgestald. Verder is er nog een opzienbarende verzameling locale kunstwerkjes gemaakt van dun hout van de ficus.

Horta heeft verder nog wat kleurrijke gebouwen, zoals deze van de vrijwillige brandweer.

DSC05817

Terugblik Azoren 2017

Veel is er niet te beleven op de Azoren. De lokale inwoners leven hun conservatieve leventje. Af en toe komen er zeilboten voorbij, op doorreis over de Atlantische Oceaan.

Ik moest diep in het bakje “Europese reisbestemmingen in het hoogseizoen zonder al te veel toeristen” graaien om zo dicht tegen juli aan nog een acceptabel tripje te kunnen maken. Het werden de Azoren, en daar bleek het inderdaad lekker rustig. De eerste nachten sliep ik telkens een uur of 10 de vermoeienissen van de weken ervoor van me af. En overdag deed ik ook niet bijzonder veel. Want veel is er gewoon niet op de Azoren. De lokale inwoners leven hun conservatieve leventje. Af en toe komen er zeilboten voorbij, op doorreis over de Atlantische Oceaan.

Vervoer

Vliegtuig
De Nederlandse chartermaatschappij TUI voert tijdens het seizoen wekelijks rechtstreekse vluchten uit naar de Azoren. Ze stoppen op de eilanden Terceira en Sao Miguel. De enkele reis duurt ongeveer 4 uur. Ik had hun comfortklasse geboekt en zat op heen- en terugreis op de eerste rij. Dat betekent veel beenruimte, maar op de breedte van de zitplaatsen hebben ze wel beknibbeld. Mijn medepassagiers waren vooral oudere Nederlanders met of zonder wandelschoenen aan.

Lokaal vervoer
Tussen de eilanden Terceira en Pico vloog ik met de Azorische maatschappij SATA. Hiervoor had ik vooraf een ticket via internet gekocht. Ze vliegen met kleine propellervliegtuigen en je mag gaan zitten waar je wilt. Mijn vlucht duurde maar een half uurtje.

Tussen de eilanden Pico en Faial nam ik de veerboot. Die gaat een paar keer per dag. Je kunt gewoon tot kort voor tijd aan de kassa een kaartje kopen. Er kunnen ook auto’s mee op de boot.

DSC05748

Op de verschillende eilanden reisde ik afwisselend met de publieke bus en taxi’s. Openbaar vervoer rijdt niet al te frequent, maar met een beetje puzzelen en een taxi hier en daar ging het me toch prima af. Een taxirit kostte meestal tussen de 10 en 20 EUR. Veel mensen huren hier een auto, maar ik had geen zin in de rompslomp van parkeren, tanken etc die dat met zich mee brengt.

Hotels

Angra do Heroismo (Terceira)
De Pousada de Angra do Heroísmo São Sebastião ligt in het Fort São Sebastião, prominent onderdeel van het werelderfgoed Angra do Heroismo. Dat leek me wel een interessante overnachtingsplaats. Helaas werd het één van de minste hotelervaringen van de laatste tijd. Voor een hotel van dit prijsniveau mag je toch wel een iets minder hard bed, warm water uit de douche of een vers ontbijt verwachten.
Website: Pousada Angra
Kosten: 120 EUR (inclusief ontbijt)

Madalena (Pico)
Alma do Pico is een complex op een kilometer of 2 van het havenstadje Madalena. Het wordt gerund door een heel hartelijk Italiaans stel. Ze hebben een stuk of 10 huisjes in wat een aangelegd bos lijkt te zijn. Verder beheren ze het uitstekende Italiaanse restaurant op het terrein. Ik had er de helft van een twee-onder-een-kap huisje, zelfs voorzien van een eigen keuken met alle benodigdheden. En een eigen tuintje met terras. Aangename plek.

Website: Alma do Pico
Kosten: 88 EUR (inclusief ontbijt)

Angra do Heroismo (Terceira)
Voor de laatste nacht voor mijn vertrek terug naar huis besloot ik een goedkoop hotel te boeken. Quinta Amaro, gelegen iets buiten het centrum van Angra, voldoet aan wat je voor deze prijs mag verwachten. Ook hier had ik een appartement met eigen keuken. De oudere eigenaren spreken alleen Portugees.

Website: Quinta Amaro
Kosten: 40 EUR (zonder ontbijt)

Eten

Voor de verfijnde keuken of grote afwisseling moet je niet op de Azoren zijn. Uit eten gaan is ook niet echt iets gezelligs, een terras is een zeldzaamheid en de meeste restaurants hebben de charme van een snackbar.

Ontbijt
De Azorianen ontbijten zoals Italianen: staande aan de bar van een buurtcafeetje slaan ze een espresso achterover met soms nog een zoet broodje erbij. Voor 1,65 – 2 EUR ben je klaar. Voor mij was dat meer een tussendoortje na het wat meer substantiële ontbijt in de hotels.

Lunch en diner
Ik heb elke dag vis gegeten voor lunch of diner. Tonijnsteak zie je veel op de menukaarten, maar ook kabeljauw, garnalen en meer exotische soorten. Bij de vis krijg je meestal gekookte aardappelen (soms zoete) en een paar blaadjes sla.

Het beste at ik in het Italiaanse restaurant Atmosfero van de eigenaren van mijn hotel op Pico. Drie verschillende soorten Azorische kazen vooraf, huisgemaakte pasta en panna cotta toe.

Kosten

Je kunt hier een heel goedkope vakantie hebben. Buiten de drukste vakantieweken zijn de arrangementen van vlucht+hotel van TUI erg goedkoop (denk aan 500 EUR voor 8 dagen). Eten en drinken is ook spotgoedkoop. Een dagmenu heb je al voor 6 EUR, een kopje koffie voor 0,65 EUR. Het wordt alleen duurder als je een auto huurt of veel gaat rondhoppen over allerlei eilanden.

Leave a comment

Previous:
Next: