- Florence #1: van Brunelleschi tot de Santa Croce
- Florence #2: de Spaanse kapel
- Florence #3: Frescodag
- #563: Villa’s en Tuinen van de De’ Medici
- Fiesole
- Florence #4: De grote drie
Florence #1: van Brunelleschi tot de Santa Croce
Op de eerste volle dag van onze studiereis verzamelen we om 10 voor half 9 voor het hotel. We gaan eerst onze “oortjes” aanmeten: we krijgen allemaal een zendertje waarmee we het geluid van degene met de microfoon kunnen ontvangen. Het staat wel stom als je een hele groep zo ziet lopen, maar het is ideaal in een drukke stad als Florence en met de relatief grote omvang van deze groep (20 man). Je kunt alles prima verstaan, zelfs enkele tientallen meters weglopen om iets te fotograferen of nader te bekijken, terwijl de spreker zijn stem niet hoeft te verheffen.
Het eerste referaat van de dag gaat over de bouwgeschiedenis van de Dom. Dit is meteen het bekendste en meest bezochte gebouw van de stad. Het is ook zo ongeveer het enige gebouw dat ik me herinner van mijn vorige trip naar Florence, in 2002. Toen zag het er veel vuiler uit. Gisteravond lag het er prachtig bij in het zachter wordende zonlicht, zie de foto hierboven. Vanochtend is het helaas druilerig en komt mijn meegenomen paraplu meteen van pas.
In de regen lopen we daarna verder naar het Ospedale degli Innocenti. Dit is een voormalig weeshuis voor vondelingen. Het is één van de eerste werken van de architect Brunelleschi, die later vooral faam verwierf door het ingenieuze ontwerp van de koepel van de Dom. Het is een breed gebouw met een loggia. De facade is versierd met tondi (rond reliëf) gevuld met keramiek gemaakt door Luca della Robbia. De afbeeldingen stellen vondelingetjes voor.
Keurig om 12 uur zijn we gereed met het ochtendprogramma. Gelukkig zijn er nog geen langdradige sprekers in de groep opgestaan – een ieder heeft 30 minuten voor zijn verhaal, maar ik hoorde vooraf dat er wel eens studenten zijn geweest die anderhalf uur nodig hadden!
Dit tijdige eind geeft mij mooi de gelegenheid vast te gaan kijken in de Spaanse kapel, het onderwerp waarover ik morgen moet vertellen. Het is er rustig binnen, en ik kan de schilderingen even goed tot me nemen.
Het middagprogramma begint om kwart over 2 bij de Santa Croce-kerk, zo’n 20 minuten lopen van het hotel. Met enige moeite weet iedereen het weer te vinden, en kunnen we gezamenlijk naar binnen voor nog twee referaten. De docent heeft vooraf al kaartjes voor de groep bemachtigd, dus geen wachttijd. Ik vind het sowieso niet overdreven druk bij de bezienswaardigheden.
Fresco met Heilige Franciscus in de Santa Croce
De Santa Croce is een Franciscaner kerk, zelfs de grootste ter wereld. Het eerste referaat gaat dan ook over de bedelorde der Franciscanen.
Daarnaast staat de kerk bekend om zijn vele grafmonumenten. Veel bekende Italianen zijn hier in de 19e eeuw herbegraven. En het bevat de oorspronkelijke graftombes van onder andere de architect Leon Battista Alberti en de schilder / beeldhouwer Michelangelo. Er schijnen maar liefst 300 graven in de kerk zelf te zijn.
Graftombe Leonardo Bruni in de Santa Croce
Tot slot kijken we nog in de Pazzi-kapel (vol met nog meer wit-blauwe Tondi van de familie Della Robbia) en het museum van deze kerk. Tegen vijven slenteren we terug naar het hotel aan de andere kant van de stad, gelukkig kost dat in het compacte Florence niet veel tijd. Veel gezien en gehoord vandaag, maar met de vermoeidheid valt het nog wel mee. Nog 5 van dit soort dagen te gaan in Florence!
Florence #2: de Spaanse kapel
Achter de fraaie facade van de Santa Maria Novellakerk gaat het onderwerp schuil van mijn referaat tijdens deze studieweek in Florence. Het gaat om het “Frescoschema van de Spaanse kapel”. Deze schilderingen werden tussen 1365 en 1367 aangebracht door de Florentijnse schilder Andrea Bonaiuto. De kapel hoort bij het dominicaner klooster van de kerk.
De Spaanse kapel is een bijna vierkante ruimte van zo’n 11 bij 15 meter. Het bevat acht beschilderde vlakken: vier schilderingen op de vier wanden, en ook het gewelf kent afbeeldingen die over vier vlakken zijn verdeeld. De schilderingen op het gewelf zijn elk thematisch verbonden met die op de onderliggende wand.
Het programma van de bedelorde der Dominicanen staat centraal in de schilderingen in deze kapel. De weg tot het zielenheil leidde expliciet via de Dominicanen. De drie belangrijkste heiligen van de Dominicanen uit de tijd van het ontstaan van de schilderingen zijn verschillende malen afgebeeld. Het gaat om Dominicus (de stichter van de orde), Thomas van Aquino (de schriftgeleerde) en Petrus de Martelaar (de strijder tegen ketters).
Als je vanaf het midden van de ruimte om je heen kijkt, zijn de Dominicanen zelfs van een afstandje gemakkelijk te herkennen op de schilderingen door hun wit gewaad met zwarte mantel. Het klooster is nog steeds gebruik door de dominicaner orde, en tot mijn vreugde zag ik vanochtend één van de priesters in zo’n wit habijt een koffietje drinken aan de bar van het naast ons hotel gelegen café.
Afbeelding geestelijken op de ‘Strijdende en Triomferende Kerk’
Tijdens mijn referaat heb ik drie van de acht schilderingen besproken. De meeste tijd was gewijd aan de oostwand, waar een heel pantheon aan dominicanen te zien is. Dit fresco staat bekend als de ‘Strijdende en Triomferende Kerk’.
Gisteren was ik al een kijkje wezen nemen in de kapel, en ik ontdekte meer afbeeldingen van dominicanen dan ik in de literatuur over deze kapel was tegengekomen. Zo zijn er een dominicaner paus, kardinaal en bisschop te zien. En een dominicanes – een vrouwelijk lid van deze kloosterorde. Op internet wist ik op de valreep nog een verhaaltje over deze Villana Delle Botti te achterhalen: ze stamde uit een rijke Florentijnse koopmansfamilie, leefde een leven in weelde totdat ze op een dag in de spiegel keek en zag dat haar gezicht was veranderd in dat van een monster. Ze begreep dat er iets moest gebeuren, rende naar de Santa Maria Novella en trad toe tot de dominicaner orde.
Ook een vrouwelijke dominicaan (dominicanes) ontdekt
Voor de broeders van de Santa Maria Novella, die in deze kapel dagelijks samenkwamen, hadden de op de fresco’s afgebeelde dominicanen een duidelijke voorbeeldfunctie. Ze herinnerden hen aan de leidende rol die de Dominicanen hadden in de redding van de mensheid. Ook zorgden ze ervoor dat men werd herinnerd aan de strict orthodoxe leer: het zich conformeren aan de dominicaner zienswijze, en accepteren van de autoriteit van de orde en de kerk. Ook het afwijzen en veroordelen van ketterij behoorde al vanaf de stichting van de orde tot de hogere doelstellingen.
De kapel was niet toegankelijk voor de ‘gewone’ mensen. Wel kwamen er hoogwaardigheidsbekleders van buiten, zoals de leden van het Provinciaal of Generaal Kapittel (de hogere bestuurslagen van de dominicaner orde). Zij zullen allereerst geïmponeerd zijn door pracht van deze nieuwe kapittelzaal die in zijn tijd geen gelijke had. Competitie tussen steden en ook tussen kloosters in die steden speelde in die tijd een belangrijke rol, en Florence en de Santa Maria Novella zetten hier de toon. De stricte orthodoxie die de afgebeelde Dominicanen weergeven, moet ook door de hogere geledingen van de dominicaner ordes uit andere steden met instemming zijn begroet.
Dominicus wijst de weg naar de hemelpoort
Aan het referaat is weken van literatuurstudie & het fabriceren van een verhaal vooraf gegaan. Daardoor krijg je vanzelf een band met het onderwerp. Net als bij mijn collega-studenten bespeur ik bij mezelf dat ik ‘mijn’ onderwerp het interessantst en mooist vind van alles wat we gezien hebben in Florence.
Florence #3: Frescodag
Tot mijn genoegen staat vandaag weer een dag vol frescoschilderingen op het programma in Florence. Gisteren en eergisteren hebben we veelvuldig naar beeldhouwwerken staan staren, en dat is toch niet echt mijn favoriete genre.
We beginnen de dag in een zaaltje dat je zelf nooit zou vinden. Het is een voormalige kapel die nu bij een school hoort. Het binnenterrein ziet er nogal verwaarloosd uit, terwijl over het algemeen alles in Florence er goed onderhouden uitziet (in Rome hebben ze daar meer moeite mee).
Tijdens het eerste referaat worden 3 Laatste Avondmaal-schilderingen met elkaar vergeleken. De schilderingen bevinden zich ook op 3 verschillende locaties, waar we telkens vrijwel de enige bezoekers zijn. Ik heb zo rustig de gelegenheid om details te fotograferen. Het valt me hier telkens mee dat dat mag, behalve een verbod op flitslicht zijn er meestal geen restricties.
Andreas aan het Laatste Avondmaal
We brengen een groot deel van de ochtend door in het voormalige San Marco-klooster. Hier is ook een Laatste Avondmaal te zien, en nog veel meer moois. Het klooster is veranderd in een museum gewijd aan het werk van Fra Angelico. Deze 15e eeuwse schilder was monnik en prior van het klooster, en hij heeft samen met zijn leerlingen vele muren van fresco’s voorzien.
In de kloostergang vlakbij de ingang steelt deze Knieval van Dominicus voor Christus aan het kruis de show:
Net als de Santa Maria Novella waar ‘mijn’ onderwerp zich bevindt, was de San Marco een dominicaner klooster. Ik ben inmiddels aardig bekwaam aan het worden in het herkennen van bekende dominicanen en het duiden van hun functie, en kan hier nog wat extra bijleren.
Hier in de San Marco zijn de dominicanen veel minder militant en meer contemplatief afgebeeld dan in de Spaanse kapel.
Op de bovenverdieping van het klooster bevonden zich de cellen waarin de dominicanen sliepen. Elk van hen beschikte over een kleine witte ruimte met daarin slechts een raam en een fresco. Fra Angelico en zijn helpers decoreerden maar liefst 44 van deze ruimtes. Die voor de priesters zijn allemaal verschillend, en hebben meer ingewikkelde thema’s. De novicen (leerlingen) kregen allen dezelfde eenvoudige voorstelling voor hun kiezen in hun cellen.
#563: Villa’s en Tuinen van de De’ Medici
Wat is het?
De Villa’s en Tuinen van de De’ Medici in Toscane is een groep buitenhuizen uit de 15de tot 17de eeuw, die door de leidende Florentijnse familie De’ Medici zijn gerealiseerd. Hun rol als beschermheren voor de kunst tijdens de Italiaanse Renaissance spreidden ze ook hier buiten de stad ten toon. Ze gaven opdrachten aan eigentijdse kunstenaars om schilderijen en beeldhouwwerken te maken ter versiering van hun eigendommen. Van een rustig buitenverblijf was geen sprake meer, de Villa del Castello trok als toeristische bezienswaardigheid al in zijn tijd vele reizigers uit heel Europa.
Cijfer: 6,5 (Van de 14 elementen binnen dit werelderfgoed bezocht ik alleen het Villa de Castello, het huis waar Cosimo De’ Medici opgroeide. Als je wel vaker Italiaanse tuinen hebt gezien is hier niet veel dat je verrast, maar het is wel een mooie gedachte dat dit mogelijk de eerste tuin is die vanuit een systematisch ontwerp is opgebouwd. Hij stamt uit de 16e eeuw, en is nagenoeg onveranderd. Zeker op een zonnige namiddag is het hier goed toeven.)
Toegang: De entree tot de tuin is gratis. De villa zelf is niet te bezoeken, daar is nu een Italiaans taleninstituut gevestigd.
Hoeveel tijd: Ik heb me anderhalf uur in de tuinen weten te vermaken. Inclusief treinreis van en naar Florence en de wandeling naar de villa vanaf het station ben ik 2,5 uur op pad geweest. Een gemakkelijk uitstapje vanuit Florence dus.
Opvallend: Achterin de tuin is in de ommuring een kunstmatige grot aangelegd: de Grot van de Dieren. Een dergelijke grotto ben ik wel vaker tegengekomen in Franse of Italiaanse werelderfgoedtuinen, maar dit is waarschijnlijk de plek waar het genre voor het eerst is ontwikkeld. We zien een ruimte van zo’n 25 vierkante meter, waarvan de muren en het plafond bedekt zijn met grove steen (om een druipsteengrot te simuleren) en schelpen. Er zijn 3 nissen, met elk een verzameling willekeurige dierenbeelden. De beeldengroepen spoten ook water over de argeloze bezoekers, maar dat werkt nu niet meer (je mag ook niet in de grot komen, er staat een hek voor).
Ik vond op internet een 25 pagina’s tellend verslag van een Japanse, met alles wat je maar zou willen weten over deze grot. Ze heeft ieder individueel dier beschreven dat in de voorstelling voorkomt. Het zijn 22 verschillende dierensoorten, en de geit komt het meest voor. We zien ook wilde dieren zoals een olifant en een giraffe. Cosimo de Medici had bij een ander buitenhuis een privé-dierentuin. De verklaring die hiervoor wordt gegeven is dat hij als echte humanist uit de Renaissance beschikte over een pure intellectuele nieuwsgierigheid.
Fiesole
Fiesole, 17.17 uur: Hebben we een middag vrij, gaan we nog met z’n allen kunst kijken. Dit keer in Fiesole, een plaatsje in de buurt van Florence. Hier bezoeken we onder andere het Franciscaner klooster. Boven op een heuvel, dit is de weg ernaar toe.
Florence #4: De grote drie
Er zijn drie plekken in Florence waar het altijd druk met toeristen lijkt te zijn: de Dom natuurlijk, het Palazzo Vecchio en het Uffizi Museum. Op onze laatste dag in Florence staan deze grote drie op ons programma.
Als we om 9 uur aan komen wandelen, staat er al een enorme rij voor de toegang tot de Dom. Eerst maar door naar het Palazzo Vecchio dus, het stadhuis. Daar kunnen we wel zo naar binnen, maar is er weer iets anders dat ons bezoek verstoort. Er wordt een conferentie gehouden over “Luxe”.
De prachtige ‘Zaal van de Vijfhonderd’ is omgevormd tot vergaderruimte. We mogen alleen vanaf het balkon naar binnen kijken. De gang wordt bewaakt door twee kleerkasten die zorgen dat we nergens tegenaan leunen, niet te hard praten en ook niet te lang stilstaan. En dan moet er iemand van onze groep daar ook nog een referaat houden – een hele beproeving.
Zo rond lunchtijd is de rij voor de Dom verdwenen. We kunnen op ons gemak de ronde doen. De buitenkant is hier toch wel het mooiste. Binnen kun je zien hoe enorm de afmetingen zijn en hoe breed de pilaren om het gewicht van de enorme koepel te kunnen dragen.
Om half 4 tenslotte sluiten we aan in de rij voor het Uffizi Museum. De rij lijkt niet heel lang, maar er zit weinig schot in omdat de mensen maar mondjesmaat naar binnen worden gelaten. Een bord geeft een wachttijd van 60 tot 90 minuten aan! En inderdaad zijn we pas tegen vijven binnen.
Onze docent annex gids leidt ons bekwaam langs de hoogtepunt zoals we die ook uit de studieboeken kennen. Als je er in je eentje rondloopt, raak je er al snel verloren door de enorme overdaad aan schilderijen. Het gebouw zelf (de 16e eeuwse overheidskantoren) is met z’n lange galerijen ook erg een bezoek waard.
Omdat we zo laat binnen waren, zijn er niet al teveel bezoekers meer binnen en kunnen we de gewenste schilderijen goed bekijken. Een passend einde voor een intensieve kunstreis!



















Leave a comment