World Heritage Traveller

Bolivia 2011

Written by:

  1. Van dag-tot-dag
  2. #418: Tiwanaku
  3. #419: Sucre
  4. #420: Potosi
  5. #421: El Fuerte de Samaipata
  6. #422: JezuĂŻetenmissies van de Chiquitos
  7. De Laatste Dag
  8. Terugblik Bolivia 2011
    1. Vervoer
    2. Verblijf
    3. Eten & Drinken
    4. Kosten

Van dag-tot-dag

22 meiVlucht naar La Paz vanuit Cuzco. Vertrek 10 uur met uur vertraging. Vluchtje van niks, net als Schiphol-Londen (45 minuten). Wel business class gezeten, en het hele Titicaca-meer van bovenaf gezien. Geland op 4000 meter hoogte, zonder ademhalingsproblemen (was al wel gewend in Cuzco).
Geluncht met een tomatensoepje bij Luna in de grauwe binnenstad van La Paz. ’s Avonds gegeten in het Los Tambos restaurant van het hotel.
Hotel Rosario, La Paz
23 meiStad van boven naar beneden doorgesjouwd. Alle musea dicht i.v.m. maandag. Voor 6 EUR heerlijk Argentijns gegeten helemaal in het dal, in de rijkere buurt die ook wel wat van Argentinië weg heeft. Verder vliegticket naar Sucre gekocht (28 EUR) en tour voor morgen.Hotel Rosario, La Paz
24 meiDagtocht van 8-17 uur in een groep van 17 naar Tiwanaku (#43). Daar ook geluncht, een menu met forel voor 3 EUR.
’s Avonds in de stad nog een kleine pizza gegeten.
Hotel Rosario, La Paz
25 meiVliegen naar Sucre (10.15-11.00 uur). Half uurtje vertraging. President Morales nog tegengekomen op het vliegveld van Sucre (nou ja, zijn auto’s). Stad ziet er zonnig uit, en het blijkt vandaag een regionale feestdag dus overal zijn er chique geklede mensen op de been en er zijn optochten.Parador Santa Maria Real, Sucre
26 meiDikke wolken en koud vandaag. Eerst wat praktische dingen in het centrum geregeld (o.a. vliegticket naar Santa Cruz). Daarna om 9.30 met een omgebouwde truck naar de interessante dinosaurussporen vlakbij Sucre. Om half 12 terug in de stad, daar geluncht. Later privé-transport naar Potosi geregeld voor aanstaande zaterdag, en helaas moeten afzien van een bezoek aan de zondagsmarkt van Tarabuco omdat protesterende lieden de weg hebben geblokkeerd.
’s Avonds kip in appel/rozijnensaus gegeten bij het chique Franse restaurant La Taverne (5 EUR inclusief water).
Parador Santa Maria Real, Sucre
27 meiGelukkig weer zonnig vandaag. Hele ochtend de stad Sucre, werelderfgoed (#44), doorgesjouwd en paar dingen van binnen bekeken. Nog steeds wel moe, dus na een fruitsalade als lunch terug naar het hotel. Daar de hele middag ziek, zwak en vooral misselijk. Aan het begin van de avond wat geslapen en daarvan opgeknapt.Parador Santa Maria Real, Sucre
28 meiOntspannen tocht met privĂ©-chauffeur naar Potosi, werelderfgoed (#45). 6.30 vertrek, 18 uur terug ivm wegblokkade vanwege een autorally.Parador Santa Maria Real, Sucre
29 meiVandaag is het weer Autorally-dag in Sucre, het hele centrum staat vol eetkraampjes en ronkende auto’s. Ik wandel wat rond, bezoek het park met mini-Eiffeltoren en de markt. Geluncht in een backpackerscafé, vooral om een boek te kunnen kopen voor de komende dagen.
’s Middags de websites bijgewerkt. ’s Avonds een half uur door de stad gestruind om een geopend restaurant te vinden. Was nog bijna bij 1 van de 2 Nederlanders terecht gekomen, maar uiteindelijk lekker op een balkon gezeten met uitzicht over het centrale plein. Daar was het alweer feest, de rotzooi van de autorally was nog niet eens opgeruimd, maar drumbands marcheerden over het plein vergezeld van vuurwerk.
Parador Santa Maria Real, Sucre
30 meiSoepele en goedkope reisdag vandaag. Eerst vlucht met Aerosur van Sucre naar Santa Cruz (11.50-12.25). Mooi op tijd, vluchtje van niks. Vanaf het vliegveld een taxi naar de standplaats voor de (gedeelde) taxis naar Samaipata in de stad. Daar uiteindelijk vertrek om 13.15 uur (voor 2 personen betaald, 6 EUR totaal), en aankomst in Samaipata om 16 uur. Zeker de laatste 50 km hele mooie rit door groen berglandschap over deels onverharde weg.
’s Avonds even in een internetcafé gezeten, plaatsje verkend en pizza gegeten aan het plein.
La Posada del Sol, Samaipata
31 meiMooie wandeling naar El Fuerte de Samaipata (#46): ruĂŻnestad uit de Incacultuur. Heen en terug gelopen, totaal 18km. Geluncht met pasta op een terras.La Posada del Sol, Samaipata
1 juniNiet veel gedaan. Museumpje bezocht, in het internetcafé en aan het plein gezeten. En ’s middags een hele tijd in de zon zitten lezen.La Posada del Sol, Samaipata
2 juniOm half 9 met de gedeelde taxi naar Santa Cruz. Daar al voor 11 uur aangekomen, en met taxi verder gegaan naar busstation. Kaartje gekocht voor de bus van half 2, maar even daarna nog een gedeelde taxi gevonden voor 5 EUR die al om 12 uur ging vertrekken.
Rit over vlakke asfaltweg, langs grote boerderijen. Pas in Chiquitos, vanaf San Javier, verandert het landschap: heuvelachtig, hoog gras, felgroen. Iets na 5-en aangekomen in Concepcion bij de taxihalte. Vandaar moest ik nog een paar minuten achterop een motor (0,30 EUR) om bij het hotel (en het grote plein) te komen.
’s Avonds gegrilde kip gegeten bij El Buen Gusto aan het plein.
Gran Hotel Concepcion, Concepcion
3 juniLeuke en zonnige dag vandaag. Om 8 uur langs het missiemuseum en de kerk van Concepcion. Erg de moeite waard, vooral het houtsnijwerk. Om 10.30 uur met de bus naar San Javier, net als Concepcion ook één JezuĂŻetenmissies van de Chiquitos (#47). Daar half uurtje rondgekeken, en toen weer met de taxi terug.
Dagmenu als lunch gegeten bij El Buen Gusto, en daarna geluierd en de foto’s bewerkt.
Gran Hotel Concepcion, Concepcion
4 juni“Heb je de bus gemist?” vraagt de taxichauffeur. Euh, nee, ik wist niet eens dat er een bus ging. Ik was om 8 uur bij de vertrekplaats voor gedeelde taxi’s, maar die blijken op zaterdag alleen ’s middags te rijden. Dus maar een gewone taxi aangehouden om me naar de eerstvolgende plaats te brengen, vanwaar transport naar Santa Cruz wat makkelijker moet zijn. Binnen een half uur hebben we de bus ingehaald, stoppen we langs de weg en kan ik instappen voor de resterende 5,5 uur naar Santa Cruz.LP Hotel, Santa Cruz
5-6 juniSanta Cruz.LP Hotel, Santa Cruz
7 juniDe vluchten naar Buenos Aires zijn gecancelled vanwege een aswolk boven Chili! Snel alles omgeboekt, ik reis nu via Brazilië (Sao Paulo) en kom een dag eerder aan in Nederland. Vlucht Santa Cruz – Sao Paulo met Aerosur, 11.00 – 14.50. En dan met de KLM rechtstreeks naar Amsterdam vanaf 19.15 uur.

#418: Tiwanaku

Wat is het?

De ruĂŻnes van Tiwanaku omvatten het spirituele en politieke centrum van de Tiwanaku-beschaving, die tussen 500 en 900 haar hoogtepunt kende. De Tiwanaku heersten over Bolivia, zuid Peru, noord Chili en delen van ArgentiniĂ«. In de overblijfselen van hun hoofdstad vallen vooral de uit één steen gehouwen beelden  en poorten op.

Tiwanaku

Cijfer: 7 (Met uitzondering van enkele beelden en stenen poorten is er niet veel te zien op het kale, vlakke terrein.Tiwanaku is een belangrijke schakel tussen de Chavin- en de Inca-bouwwerken, en omdat ik die beide ook in Peru heb bezocht zie je interessante overeenkomsten. Zo heeft Tiwanaku nog een behoorlijk complete muur met stenen hoofden (zie foto hierboven), waar die in het oudere Chavin op één na zijn verdwenen.)

Toegang: Voor buitenlanders is de entreeprijs 80 bolivianos (8 EUR). Daarvoor mag je de twee musea op het terrein bezoeken, één met keramiek en één met het grootste opgegraven beeld, en het ruĂŻnecomplex. Het is zo ongeveer de enige bezienswaardigheid in de wijde omgeving van La Paz, dus er komen dagelijks aardig wat bezoekers. Er waren ca. 50 anderen op het terrein toen ik er was, allemaal buitenlandse toeristen. Dat laatste is een duidelijk verschil met Peru, waar je ook veel binnenlandse toeristen zag.

Hoeveel tijd: Twee uur op de site en in de musea is genoeg. Ik was er echter met de sloomste tour ooit. De gids wilde graag veel vertellen, en deed dat steeds in zowel het Engels als het Spaans. Ik geloof dat we wel een uur in het keramiekmuseum zijn geweest. In totaal duurde de tour vanuit La Paz van 8 tot 17 uur.

Opvallend: Tiwanaku ligt op 3870 meter hoogte, en is daarmee één van de hoogstgelegen culturele werelderfgoederen. Hoger dan het centrum van La Paz, maar iets lager dan het vliegveld (4050 meter). Daar hebben ze vlak na de douane zelfs een zuurstofkamer, om toeristen op te vangen voor wie het allemaal te veel wordt. Ik heb er hier in Bolivia nog niet echt last van gehad, alhoewel je al naar adem staat te snakken als je een trapje oploopt.

#419: Sucre

Wat is het?
Sucre is de hoofdstad van Bolivia, en het was vanaf de 16e eeuw een belangrijk centrum in het Spaans-koloniale rijk met universiteiten en een hooggerechtshof. De klassieke Spaans-koloniale structuur van de stad, met zijn straten in schaakbordpatroon, is goed bewaard gebleven. De stad heeft als bijnaam “De Witte Stad”: alle gebouwen in het centrum zijn witgeschilderd.

Sucre

Cijfer: 6,5 (Het is wel een wonder dat ze het stadscentrum hier zo wit, netjes en in goede staat hebben weten te houden. Verder zie je hier niets wat je niet ook in andere Spaans-koloniale steden kunt zien. Echt memorabele hoogtepunten zijn er niet.)

Toegang: Voor zover je al ergens naar binnen kunt, is de entree zo’n 20 bolivianos (2 EUR).

Hoeveel tijd: Halve dag, maximaal. De meeste kerken en kloosters in de stad hebben heel beperkte openingstijden, en ook heel andere dan in de Lonely  Planet staan aangegeven. Maar ook al ben je er op tijd, dan zie je vaak nog niet veel meer dan een groot hangslot op de buitendeur.

Opvallend: Sucre was in het verleden een heel belangrijke stad in Zuid-Amerika. In het Casa de la Libertad kun je daar nog een glimp van opvangen. In dit voormalige klooster werd in 1825 de Boliviaanse onafhankelijkheid uitgeroepen. De tafel en een kopie van de onafhankelijkheidsverkarling zijn te bezichtigen. Ook is er een ruimte met de eerste vlag van buurland ArgentiniĂ« (te broos om te verplaatsen), en een houten kistje met de as van de belangrijkste vrouwelijke onafhankelijkheidsstrijdster.

#420: Potosi

Wat is het?
In de Cerro de PotosĂ­ werd in 1542 de grootste zilvervondst in de Nieuwe Wereld gedaan. Vanaf dat moment begonnen de Spaans-koloniale heersers deze berg systematisch van zijn schatten te ontdoen en naar Europa te verschepen. PotosĂ­ werd een echte mijnstad, groeide tot aan 200.000 inwoners. Aan het eind van de 18e eeuw was er niet veel kostbaars meer over, nu wordt er nog wel naar tin gegraven. Het werelderfgoed omvat het industrĂŻĂ«le erfgoed (zoals dammen, smelterijen, molens) en het centrum van de stad waar de rijkdom o.a. werd omgezet in 80 kerken in barokke stijl met Indiaanse invloeden.

Potosi, Cerro Rico

Cijfer: 7,5 (Door zijn barre geschiedenis vond ik het een wat interessantere stad dan het nabijgelegen Sucre, een stad die onlosmakelijk met PotosĂ­ verbonden was omdat daar de rijkeren gingen wonen vanwege het mildere klimaat. PotosĂ­ is een stad op 4070 meter hoogte, nog steeds gedomineerd door de Cerro Rico. De Munt is bijzonder om te bezoeken, omdat daar een stuk van de zilvermijngeschiedenis van PotosĂ­ zichtbaar wordt gemaakt.)

Toegang: Net als in Sucre zijn de openingstijden van de kerken zeer beperkt. Ik bezocht o.a. de Munt, entree 20 bolivianos plus nog eens 20 om foto’s te mogen maken (totaal 4 EUR).

Hoeveel tijd: Halve dag, tenzij je ook nog een tour door één van de mijnen wilt doen (was mij iets te claustrofobisch).

Opvallend: Om twee uur had ik afgesproken met mijn privĂ©-chauffeur om terug te rijden naar Sucre. Net als vanochtend was hij keurig op tijd, en reden we op ons gemak de mooie weg terug. De eerste helft gaat over de hoogvlakte, de tweede helft slingert zich langzaam door de bergen naar beneden naar Sucre. Het landschap is hier erg droog, wat brede rivieren zouden moeten zijn zijn nu lege beddingen. Pas in augustus komt er weer water in. De chauffeur en ik vermaken ons met het tellen van loslopende honden langs de weg. We komen tot 43, op zo’n 20 kilometer voor Sucre, als we in een file terecht komen. Dat is wel het laatste dat je hier verwacht. Ik denk aan een ongeluk, maar de chauffeur vermoedt dat het een “blokkade” is. “Ga maar kijken”. Ik loop helemaal naar voren, en zie dat de weg volledig geblokkeerd wordt door twee dwars op de weg staande auto’s. Een typisch Boliviaanse protestactie? Dit soort blokkades zijn in Bolivia aan de orde van de dag, wanneer burgers die ergens boos om zijn een doorgaande weg blokkeren. Meestal worden de acties wel aangekondigd, zo kon ik eerder deze week al geen kaartje naar de markt van Tarabuco kopen voor zondag omdat er voor die dag een blokkade gepland was. Wel echt Boliviaans om dit mee te maken (zelfs het Nederlandse Ministerie van Buitenlandse Zaken waarschuwt op haar website voor dit soort acties), maar het is toch niet leuk om hier uren vast te komen te zitten. Of nog langer: in het zuiden van Peru bij Puno is een actie aan de gang die al 16 dagen duurt!

Even later hoor ik een zwaar motorgeluid. Ik denk nog even dat de politie met zwaar geschut de blokkade aan het doorboren is. Maar het blijkt een rallyauto te zijn! De weg is afgesloten omdat een stuk ervan gebruikt wordt door een autorally. Het is alleen wel de enige doorgaande weg tussen Sucre en Potosi, qua importantie vergelijkbaar met een snelweg in Nederland. Nou ja, je hebt in ieder geval wat te kijken terwijl je staat te wachten. We (een paar honderd gestrande reizigers) staan precies in een bocht. Van veiligheidsmaatregelen hebben ze hier nog nooit gehoord. Gelukkig rijden de meeste auto’s niet al te hard de bocht door. Na anderhalf uur wachten is de laatste auto gepasseerd en mogen we weer door. Morgen is de weg de hele dag gestremd vanwege dezelfde rally…

#421: El Fuerte de Samaipata

Wat is het?
El Fuerte de Samaipata (Het Fort van Samaipata) is geen fort, maar een heuvel met gigantische rotssculpturen. Erbij ligt een voormalige provinciehoofdstad van de Inca’s, met de resten van tempels, openbare gebouwen, huizen en landbouwterrassen. De plek kreeg door de Spanjaarden de bijnaam “Het Fort” vanwege zijn strategische locatie, maar het had voordien een religieuze en ceremoniĂ«le functie voor diverse pre-Columbiaanse volken.

El Fuerte de Samaipata

Cijfer: 7,5 (Vooral vanwege de prachtige omgeving waarin het ligt, het is ook deel van het Amboro Nationaal Park. Je ziet er veel vogels (o.a. papagaaien en een condor). De rotstekeningen zijn moeilijk te zien, ondanks de uitkijkplatformen die ze ernaast hebben geplaatst. Van de Inca-stad zijn alleen nog de fundamenten over.)

Toegang: Om 10.15 uur was ik de eerste bezoeker van de dag! “We zagen je al van ver aankomen”, aldus de vriendelijke kaartjesverkoopster. Voor buitenlanders is de entreeprijs 50 bolivianos (5 EUR). Aan het gastenboek te zien waarin iedereen zijn naam en gegevens moet zetten, komen er gemiddeld maar zo’n 10 bezoekers per dag.

Hoeveel tijd: Anderhalf uur. Er is een vaste route van 2 kilometer over het terrein aangegeven. Ook nog flink klimmen. Je loopt deels over planken, en er zijn bankjes en uitkijktorens in dit goed verzorgde complex.

OpvallendEl Fuerte ligt zo’n 10 kilometer buiten het plaatsje Samaipata. Er zijn taxi’s en tourtjes, maar omdat ik toch vroeg op ben ’s ochtends en het terrein niet eerder open is dan 9 uur besluit ik maar te gaan lopen. De route voert eerst 4 kilometer over de doorgaande weg tussen Samaipata en Santa Cruz, en dan wijst een bord schuin omhoog een zandpad op voor nog eens 5,7 kilometer. Na een kilometer of 2 krijg ik al een lift aangeboden van een man die wat op moet halen bij een boerderij halverwege de berg. Dat scheelt me zo 4 kilometer of een uur lopen, en maakt het net wat makkelijker. Ik moet daarna nog zo’n 4,5 kilometer de bergweg op. Het eerste deel is glooiend, en ik geniet van de zon en de prachtige bergen. En het is ook wel weer eens fijn gewoon adem te kunnen halen na het verblijf op grote hoogte de laatste tijd in Cuzco, La Paz en Potosi. De laatste 2 kilometer is echt goed klimmen. Gelukkig verkopen ze bij de entree ook koude drankjes.

Ook terug ben ik gelopen, de hele tocht in ruim 2 uur. Er kwamen ook al wel taxi’s naar beneden waar ik mee mee had gekund, maar ik liep lekker.

#422: JezuĂŻetenmissies van de Chiquitos

Wat is het?
De JezuĂŻetenmissies van de Chiquitos zijn zes door de JezuĂŻeten volgens een strak plan gestichte dorpen, met als doel de lokale Indianen tot het katholicisme te bekeren. De missies liggen in het tropische laagland in het oosten van Bolivia. Ze stammen uit de periode 1696-1760. In de zes plaatsen zijn nu vrijwel alleen nog de kerken in hun oorspronkelijke staat.

Concepcion, kerk

Cijfer: 8 (Eigenlijk alles eraan is schilderachtig: de tropisch-lichtgroene omgeving, de stille dorpjes, de unieke architectuur van de kerken, de interieurs met prachtig houtsnijwerk en naĂŻeve schilderijen & beelden, en de nog grotere collectie van dat laatste in het missiemuseum van Concepcion. Helaas liggen ze te ver van elkaar om alle zes te bezoeken, ik ben alleen in de dorpen San Javier en Concepcion geweest.)

Toegang: In Concepcion ligt het missiemuseum. Daar koop je een kaartje voor 25 bolivianos (2,5 EUR) dat toegang geeft tot het museum, de kerk en de houtsnijderij. In San Javier ben ik gewoon de kerk binnengelopen – de deur stond open omdat er een jeugdorkest aan het repeteren was.

Hoeveel tijd: Een half uur tot een uur per kerk, afhankelijk van of je er naar binnen kunt. De 6 dorpen liggen een behoorlijk eind van de rest van de bewoonde wereld, dus je moet zeker in één ervan overnachten. Het hele circuit met het openbaar vervoer zou een dag of 5 duren, zo schaars is het transport. San Javier en Concepcion liggen het dichtst bij de provinciehoofdstad Santa Cruz (op respectievelijk 4 en 5 uur rijden), er gaan doordeweeks een paar bussen per dag en ook gedeelde taxi’s.

Opvallend: Ik overnachtte in Concepcion, één van de missieposten. Het plaatsje lijkt permanent in slaap gesukkeld. De hoteleigenaar schrok helemaal van de mededeling dat ik niet één maar twee nachten wilde blijven. Winkels zijn steeds half-open, of half-dicht: ze hebben het onderste deel van de deur dicht en op slot, en je moet roepen door het open bovenste deel als je iets wilt. Het is alleen lastig te zien in het half-donker wat er te koop is, en logica zit er ook al niet in. Ze lijken te verkopen wat ze ergens op de kop hebben weten te tikken – de combinatie van eieren en kinderkleding bijvoorbeeld. Brood heb ik helemaal nergens kunnen ontdekken. Lief èn leuk is het openbaar vervoer binnen het plaatsje: dat gaat met brommertaxi’s. Jongens met een gekleurd hesje aan rijden door de straten op hun brommer, en voor 3 bolivianos (0,30 EUR) kun je achterop gaan zitten en brengen ze je naar je bestemming binnen Concepcion.

De Laatste Dag

Hoewel ik donderdag pas in Nederland terugkeer, heb ik vandaag – maandag – mijn echte laatste dag van de wereldreis. De komende dagen trek ik de halve aardbol over om via Santa Cruz, Buenos Aires, Londen en Amsterdam weer thuis terecht te komen.

Deze laatste dag breng ik door in de Boliviaanse stad Santa Cruz. Alvast een tip voor wereldreizigers-in-de-dop: zorg dat je wereldreis eindigt bij een hoogtepunt! Voor mij was dat moment eigenlijk al na de tour door het Manu Nationaal Park in Peru. Daarna heb ik me nog twee weken door Bolivia gesleept. Ik heb inmiddels wel zin om naar huis te gaan, er staan me daar gelukkig fijne dingen te wachten zoals een glimmend nieuwe auto en een zonnige Hollandse zomer.

Santa Cruz de la Sierra is de tweede stad van Bolivia. Het ligt in het laagland, en de inwoners willen niet veel van doen hebben met de Indianen uit het hoogland. Er wonen hier bijna 2 miljoen mensen. En er is niks te doen…. Wikitravel komt op geen enkele bezienswaardigheid, de Lonely Planet pakt nog uit met de kathedraal, de dierentuin en wat kleine musea. Gisteren heb ik de hele dag op mijn hotelkamer zitten internetten, dus ik moet er vandaag maar eens op uit.

Tegen negenen loop ik naar een straat in de buurt vanwaar busjes vertrekken naar de dierentuin. Ik houd niet zo van dierentuinen, maar het is ongeveer het enige wat je kunt doen hier. En bovendien ligt ernaast het Guarani-museum, wat me wel interessant lijkt. Minibusjes rijden hier af en aan door de straten, het is een heel gemakkelijke vorm van openbaar vervoer. Bus 76 rijdt naar de Zoologico. Een rit kost 1,80 bolivianos (0,18 EUR) en je betaalt aan de chauffeur. Dat moet je wel heel snel doen want hij scheurt al weer verder als jij net je tweede voet binnen hebt gezet.

Een kwartiertje later word ik keurig bij de ingang van de dierentuin afgezet. Het is maar een klein park, met de meeste dieren nog stevig vastgehouden in ijzeren kooien. Erg triest allemaal. Er zijn volières vol met papagaaien, vogels die je hier in de buurt ook makkelijk in het wild ziet. De jaguar die ik gemist heb in Manu Nationaal Park ligt hier in zijn hok te dutten op een tak. De tapir probeert mieren te vinden tussen het plastic afval. Het zieligst is nog de condor – deze machtige grote vogel zit in een kooi waarin hij nauwelijks zijn vleugels kan uitslaan. Alleen de apen komen er goed vanaf met hun eigen eiland en veel bewegingsvrijheid.

De jaguar verveelt zich ook

Het Guaraní-museum ligt om de hoek van de dierentuin. Deze tentoonstelling over de Guaraní-indianen is eigenlijk mijn hoofddoel van vanochtend. Helaas loop ik echter weer eens tegen een dichte deur aan met een groot hangslot. Wat mij betreft wel typerend voor Bolivia – veel potentiële bezienswaardigheden zijn het grootste deel van de tijd gesloten. Er komen niet genoeg toeristen, of het kan ze gewoon niet zoveel schelen.

Ik pak maar weer een busje terug naar het centrum. Daar loop ik langs wat boekwinkels – met weinig of geen Engelse boeken, zoals meestal in Zuid-Amerika. Ik hoop dat ik in Buenos Aires nog wat kan vinden voor de lange terugvlucht. Ik ga naar binnen bij het Regionale Museum, zowaar geopend èn gratis. Het is een vervallen pand, ik had eerst niet eens in de gaten dat dit het museum was. Er zijn twee kamers met foto’s, textiel en houtsnijwerk uit Chiquitania. Maar veel mooiere voorbeelden daarvan heb ik een paar dagen geleden al in het missiemuseum van Concepcion gezien.

Nou is mijn inspiratie wel op. Ik ga maar een cappucino drinken bij het moderne Alexander’s Coffee. En daarna meteen lunchen. De beste restaurants van de stad liggen in de buurt van de binnenste ring rond de stad. Dat zijn ook de buurten waar de rijken wonen. Ook mijn hotel ligt daar. Het is steeds wel een flink stuk lopen. En vandaag is dat al helemaal geen plezier, omdat het heel hard waait. Al het zand en stof van de straten van Santa Cruz komt je gezicht inwaaien. Gelukkig maakt het Mexicaanse eten bij Chile veel goed. Daarna pak ik een busje terug naar mijn hotel, een vroeg einde van mijn laatste reisdag maar meer kan ik er hier in Santa Cruz toch echt niet van maken.

Terugblik Bolivia 2011

Ik heb niet echt mijn draai kunnen vinden in Bolivia. Misschien omdat het allemaal wat tegenviel na de hoogtepunten in Peru. Ik voelde me er ook niet zo fit, door de hoogteverschillen, de droge lucht of gewoon vermoeidheid.

Het is er allemaal een beetje saai, alle voorzieningen zijn er alleen voor toeristen en die ene enkele rijke Boliviaan. In theorie zijn er allerlei mogelijkheden voor tours buiten de gebaande paden, maar in de praktijk kan er eigenlijk niks (zeker niet voor 1 persoon) – er komen gewoon te weinig toeristen. Je ziet er wel heel veel jonge Israeli’s, een teken dat het er spotgoedkoop is.

Vervoer

Voor de lange afstanden heb ik binnenlandse vluchten genomen met Aerosur. Dit is de enige Boliviaanse maatschappij die aan alle internationale veiligheidseisen voldoet. De tickets zijn erg goedkoop, ik betaalde respectievelijk 28 en 40 EUR voor de vluchten La Paz – Sucre en Sucre – Santa Cruz. Als je eerder boekt is het nog goedkoper, ik heb het gewoon een paar dagen van tevoren via internet gedaan. Ook de internationale vlucht van Cuzco (Peru) naar La Paz met Aerosur. Boeken via internet gaat prima, maar vreemd genoeg moet je dan nog naar een kantoor om te betalen. Misschien was het omdat ik zo kort van tevoren boekte. De vliegvelden in Bolivia zijn allemaal maar klein, en de vliegtuigen doen een soort stop-dienstregeling langs meerdere plaatsen. Op beide vluchten was er een half uur tot een uur vertraging. Je krijgt zelfs nog wat te eten en te drinken aan boord.

Daarnaast heb ik een paar keer een gedeelde taxi genomen, o.a. naar Samaipata en Concepcion. Dat is iets duurder dan de bus, maar ze gaan veel vaker en rijden sneller. Echt comfortabeler is het ook weer niet.

Verblijf

La Paz is de grootste stad van Bolivia. Het ligt in een soort kom midden tussen de bergen. De hele kom is volgebouwd met rode bakstenen huizen, een imposant gezicht van bovenaf (bijvoorbeeld als je de stad in rijdt vanaf het vliegveld). De duurste wijken liggen het laagst, daar waar het klimaat het beste is. Het is een wat grauwe stad, met heel veel straatverkopers, schoenpoetsers, bedelaars en zo meer.

Hotel Rosario is het beste middenklasse hotel van de stad. Het ligt in een wat mindere buurt, als je komt aanrijden is het wel het pareltje van de straat. De rest van de wijk zit vol backpackerhostels en -cafĂ©s. Het hele hotel is heel stijlvol aangekleed, met leuke wandkleden aan de muren. Toch ook wel wat minpunten: draadloos internet werkte er nauwelijks (misschien typisch voor heel La Paz) en het bijbehorende reisbureau wil vooral graag privĂ©-tours verkopen (zodat ik mijn tourtje naar Tiwanaku maar ergens anders heb gekocht). 47 EUR inclusief goed ontbijtbuffet.

Sucre is de hoofdstad van Bolivia. Niet zo groot (240.000 inwoners), met een mooi onderhouden en schoon stadscentrum. Er is elke dag wel wat te beleven hier: een processie, protestdemonstraties, een regionale feestdag met iedereen in het beste pak, en een autorally die start op het centrale plein – ik heb het allemaal meegemaakt hier. Er zijn verscheidene goede restaurants, waaronder 2 Nederlandse (Amsterdam en Florin). Ik moet er toch niet aan denken om hier in een Nederlands restaurant kroketten te gaan zitten eten, maar ze zijn wel populair onder de buitenlandse toeristen.

Parador Santa Maria La Real is een lekker hotel om wat langer te blijven, bij te slapen en de websites eens goed onder handen te nemen. Het is een 5-sterren hotel (5 Boliviaanse sterren weliswaar), maar desondanks maar 39 EUR per nacht. Fijne ruime en lichte kamer, luxe badkamer met ligbad dat ik elke avond heb gebruikt en prima snel draadloos internet. Het ontbijt is in een chique eetruimte, verse broodjes, allerlei soorten fruit, en veel zoet spul. Het hotel is gevestigd in een mooi historisch gebouw met 2 patio’s.

Samaipata is een stadje van 3000 inwoners, in de bergen een kleine 3 uur ten zuidwesten van Santa Cruz. Het hele centrum lijkt het grootste deel van de dag gesloten. Ze hebben er geen geldautomaat, en ook internet is hier nog nauwelijks doorgedrongen. Op een paar plaatsen kun je inbellen via een telefoonlijn (heel traag). De mooie omgeving van Samaipata heeft een aantal westerlingen aangetrokken die zich hier gevestigd hebben, en een restaurant of reisbureautje zijn begonnen. Ik kan me niet voorstellen dat ze ervan kunnen bestaan.

Posada del Sol is meer een hostel dan een hotel. Niet mijn smaak: ik houd niet van dat “gezellige” gezamenlijke gedoe. Je wordt er al in het Engels welkom geheten, de kamerprijs is laag (13 EUR) maar je moet verder voor alles betalen. Geen heet water om te douchen, wel een lekker bed.

Concepcion is één van de JezuĂŻetenmissies in de Chiquitos-regio. Het is een slaperig, stoffig dorpje. Het ligt op 5 tot 6 uur rijden van Santa Cruz. Voor zover ik heb kunnen ontdekken is er maar één fatsoenlijk restaurant, El Buen Gusto, en ook daar zijn ze vooral gespecialiseerd in gegrilde kip met patat. Niet een plaats om lang rond te hangen, maar zeker sfeervol genoeg voor één of twee nachten. Ook hier trouwens geen geldautomaat of internet.

Gran Hotel Concepcion is een stijlvol hotel, zeker voor een gehucht als dit. Groot ook, met tuin en zwembad. Hoe ze al het personeel aan het werk kunnen houden is een raadsel, want erg druk hadden ze het niet toen ik er was. De eerste nacht was er nog 1 ander stel, de tweede nacht 2. Kamerprijs voor een eenpersoonskamer (met 3 bedden!): 20 EUR. Helemaal in katholieke missiestijl, simpel en met een groot houten kruis boven het middelste bed waar ik natuurlijk ben gaan slapen. Zelfs nog een heel ontbijtbuffet in de ochtend, voor het handjevol gasten.

Santa Cruz de la Sierra is met 2 miljoen inwoners de grootste stad in het laagland van Bolivia. Het schijnt ook de rijkste en modernste stad van het land te zijn, maar echt florissant ziet het er niet uit. Langs de eerste (binnenste) ring zitten een paar behoorlijke restaurants, o.a. Japans, Italiaans en Mexicaans. Verder is er niks te beleven.

Het LP Hotel maakt onderdeel uit van een Argentijnse hotelketen. Fris en modern interieur, alles wit. 35 EUR inclusief ontbijtbuffet en goed draadloos internet. Het hotel ligt pal naast het stadion, een paar blokken ten zuiden van het grote centrale plein.

Eten & Drinken

Bolivianen eten niet veel buiten de deur, behalve dan bij de saltenas-stalletjes of de grote gegrilde kip-restaurants. Al het andere is voor toeristen of de echte rijken. Het eten is niet echt een hoogtepunt van het reizen door Bolivia.

Kosten

Erg goedkoop hier allemaal. Eten voor 3 tot 5 EUR, uren in de bus voor hetzelfde bedrag. Ook de hotelkamers zijn niet duur en behoorlijk goed: 20 – 35 EUR gemiddeld. Net als in Peru betaalde ik hier eigenlijk altijd minder dan het volle bedrag voor een eenpersoonskamer.

Leave a comment