- Van dag-tot-dag
- #391: Thang Long Citadel
- Ho
- #392: Ha Long Bay
- #393: Monumenten van Hué
- #394: Phong Nha – Ke Bang
- #395: My Son
- #396: Oude Stad van Hoi An
- Koken op z’n Vietnamees
- Terugblik Vietnam 2011
Van dag-tot-dag
| VIETNAM | ||
| 19 februari | FD3700 (Air Asia) Bangkok – Hanoi 6:50 – 8:40. Vroege aankomst dus in Hanoi. Op het vliegveld miljonair geworden: 2,5 miljoen dong gepind (100 EUR) – maar een paar briefjes desondanks, er zijn biljetten van 500.000 dong. ’s Ochtends al een eerste ronde door de stad gelopen, rond het meer. Geluncht met een baguette bij het Highland Café, met mooi overzicht over het drukke centrum. Rest van de middag Vietnam-reis verder concreet gemaakt, van alles geboekt voor de komende week. ’s Avonds gegeten bij Hanoi Garden (menu met viskroketten en garnalen gekookt in een ananas), wel heel erg Chinees, niet bijzonder. Erg druk en gezellig op straat hier in het oude centrum in de avond. | Elegance Emerald Hotel, Hanoi |
| 20 februari | Volle dag, vanaf 8 uur lopend door Hanoi: Ho Chi Minh Mausoleum & Museum, Thang Long Citadel (werelderfgoed #16) en de tegenvallende Literatuurtempel. Lunch bij Koto, gegrilde kipspiesjes. Tegen 3-en terug in het hotel. Goedkoop avondeten vandaag: 2 knapperige baguettes (0,40 EUR) met honing (potje 1 EUR), en gratis fruit van het hotel na. | Elegance Emerald Hotel, Hanoi |
| 21 februari | Lange dagtocht naar Ha Long Bay (#17), 8.15 – 20.30 uur. 4 uur heenrijden, 5 uur op de boot, en dan weer 3,5 uur terug. Lekker gegeten op de boot, allerlei soorten vis (mosselen, gegrilde vis en mijn favoriete inktvis). In de baai nog een half uur in een kayak gezeten, voor het eerst. | Elegance Emerald Hotel, Hanoi |
| 22 februari | Wandeltour door het oude centrum van Hanoi, langs twee kleurrijke kleine tempels, een leuke markt en vele, vele straatjes gespecialiseerd in van alles en nog wat, van ladders tot handdoeken. Geluncht bij Pho 24 met de Vietnamese noedelsoep Pho (met kip). Laatste stukje van de wandeltour afgemaakt en de dag afgesloten met een sorbet bij Fanny. Verhuisd van hotel (omdat ik wat langer blijf dan gepland), naar een ander hotel van dezelfde groep, om de hoek. Ze hadden mijn spullen al overgebracht, en brengen ook de was nog na. ’s Avonds gegeten bij Newday, een populair restaurant op Tripadvisor. Heel druk inderdaad, je moet je tafel delen. Eten was ook prima, maar weer erg (Zuid-)Chinees. Ik had inktvis in pittige saus + gegrilde aubergines. | Elegance Diamond Hotel, Hanoi |
| 23 februari | Druilerige dag vandaag. Om 9 uur met de stadsbus (12 cent) naar het hoog aangeschreven Etnologisch Museum in een buitenwijk. Viel nogal tegen. Wel mooie waterpoppen gezien, een opmaat voor de waterpoppenvoorstelling om 14.15 deze middag. Lunch met een baguette bij Highland Coffee. Grappige voorstelling van 45 minuten van een soort poppenkast in een bak met water. Begeleid door live-muziek, en met 11 verschillende scenes en sets poppen. Populair uitje hier in Hanoi, zo’n 200 man in de zaal en de voorstelling is een paar keer per dag. Goed Vietnamees gegeten bij Quan An Ngon: een centraal plein met ruimte voor zo’n 200 eters, met daarom heen stalletjes waar ze gerechten uit het hele land klaar maken. Ik had papayasalade met gedroogd rundvlees, een spies van gegrilde inktvis, rijstpapierloempiaatjes gevuld met varkensgehakt en garnalen, een rijstpuddinkje en een Hanoi bier (samen 5 EUR). | Elegance Diamond Hotel, Hanoi |
| 24 februari | Historisch museum en Kunstmuseum bezocht. Het eerste had een mooie tentoonstelling van Vietnamese keizerlijke schatten, o.a. een met goud behangen hoofddeksel van de keizer. Het tweede hangt vol met Vietnamese kunst uit het socialistische spectrum. Lunch bij het Tamarind café (salade met een paar kleine vegetarische loempia’s). ’s Middags zitten lezen op mijn balkon, en deel van mijn route door Vietnam & Laos aangepast (om 2 lange busritten te vermijden). | Elegance Emerald Hotel, Hanoi |
| 25 februari | Na een kleine 2 maanden begint er van alles kapot te gaan: tandjes van de rits van mijn rugzak en de toetsen van mijn touchscreen telefoon. Het roze shirt kan ook wel weg want daar zitten niet uitwasbare vlekken op. Dat wordt shoppen in de eerst komende moderne stad (Singapore?). In de middag vlucht VN245 (Vietnam Airlines) 14.25-15.35 van Hanoi naar Hue. Lekker business class… Al om 4 uur in het hotel, en toen nog naar de Dieu De Pagode gewandeld en naar de supermarkt. Goed en spotgoedkoop gegeten bij Ngoc Anh. | Vina Hotel, Hué |
| 26 februari | Al om 7.15 uur op pad, heerlijk weer vandaag. Bezocht: Hué (#18): oude keizerlijke hoofdstad van Vietnam, vergelijkbaar met de Verboden Stad in Peking. Lunch voor minder dan 1,50, inclusief heerlijk vers manago/papayasap. | Vina Hotel, Hué |
| 27 februari | Om half 9 op de fiets om wat bezienswaardigheden in de omgeving van Hué te bekijken. Om 1 uur terug in de stad, en geluncht met een menu van Hué-se specialiteiten bij Club Garden. Daarna mijn boek uitgelezen in het hotel. Om half 5 nog een keer op de fiets, naar de Thien Mu-pagode aan de andere kant van Hué. Bier & patat als “diner” bij Hot Tuna gegeten. | Vina Hotel, Hué |
| 28 februari | Mooie lange dag vandaag, 10.5 uur onderweg geweest. Met auto&chauffeur; naar de Phong Nha grotten (#19): druipsteengrotten met ondergrondse rivier. Om 6 uur terug in Hué, gegeten bij het Friendly Restaurant (o.a. zelf te vouwen loempia’s). Daarna Lonely Planet Laos gekocht bij “mijn” boekstalletje – 1,90 EUR. Kreeg de helft korting omdat ik ook 2 boeken kwam inleveren die ik uit had. Nog een naar chocolademelk smakende cappucino op de terugweg naar het hotel genomen, en daarna was het weer tijd voor de foto’s en vast wat inpakken voor morgen. | Vina Hotel, Hué |
| 1 maart | Om 7.30 met de bus van Hue naar Hoi An. Aankomst om half 12. Kustweg inclusief 6 kilometer lange Hai Van-tunnel. Twee stops: bij een supermodern wegrestaurant (inclusief glimmend schone westerse toiletten mèt WC-papier) en bij een dorpje + pagode waar ze allemaal (lelijk) marmer verkopen. Maar een stuk of 15 mensen in de bus, en dat voor een paar dollar per persoon. Lunch in Hoi An met stokbrood & cappucino bij het Hai Café. Daarna boek gekocht en op het terrasje bij mijn kamer zitten lezen. ’s Avonds misschien wel het best gegeten van mijn trip door Vietnam bij het Dao Tien restaurant (eindelijk heet, zowel qua temperatuur als smaak – ik had Hoianse loempiaatjes en gekruide vis gebakken in bananenbladeren) | Ha An Hotel, Hoi An |
| 2 maart | Om half 8 achterop de motor naar My Son (#20): ruïnes van een hindoeïstisch tempelcomplex uit de 4e – 12e eeuw. Om half 12 terug in Hoi An, en meteen gaan lunchen bij het Cargo Café (cappucino + baguette met tonijnsalade, erg goed). ’s Middags gelezen en geluierd. ’s Avonds weer prima en pittig gegeten, dit keer bij Miss Ly. O.a. White Rose, een Hoianse specialiteit van garnalen in een rijstpapier flapje. | Ha An Hotel, Hoi An |
| 3 maart | Het heeft hard geregend vannacht. ’s Ochtends is het wel weer droog, maar heel drukkend warm. Langzaam door Hoi An (#21) geslenterd: kustplaatsje met veel internationale handelscontacten in de 15e-19e eeuw. Paar huizen van binnen bekeken. Lunch weer bij Cargo Café met een broodje. | Ha An Hotel, Hoi An |
| 4 maart | Stortbui in de ochtend. Van 8 – 13 uur: kookcursus inclusief bezoek aan markt, boottocht en lunch. ’s Avonds gegeten bij Dao Tien. Weer zeer pittig! | Ha An Hotel, Hoi An |
#391: Thang Long Citadel
Wat is het?
Thang Long is de oude naam voor de hoofdstad van Vietnam. Het werelderfgoed bestaat uit een archeologische opgraving (18 Hoang Dieu) en een centrale as met poorten & paleizen binnen een ommuurde citadel. Vanaf hier regeerde de keizer vanaf de 11e eeuw, en andere politieke leiders tot aan de Vietnam Oorlog. Het is vergelijkbaar met de Verboden Stad in Beijing.
Cijfer: 6 (ik was blij dat ik het gevonden had – er zijn maar weinig collega-werelderfgoedspotters die het bezocht hebben -, maar veel meer dan een reeks vaak gerestaureerde en voornamelijk 19e eeuwse, gele gebouwen is het eigenlijk niet)
Toegang: Gratis. In tegenstelling tot het nabijgelegen Ho Chi Minh-mausoleum is het er erg rustig, er zijn alleen wat Vietnamese toeristen. Als je er niet speciaal naar op zoek bent, is het ook niet makkelijk te vinden. De meeste opschriften zijn in het Vietnamees.
Hoeveel tijd: 1 uur
Opvallend: de stad Hanoi heeft zichzelf dit werelderfgoed als het ware kado gedaan op haar 1000e verjaardag in 2010. Je hoort ze denken bij het plaatselijke partijbureau: “Hebben we nog iets ouds?” “Euh, nee, eigenlijk niet, alleen wat Franse koloniale gebouwen” “Kunnen we die pas gevonden oude stenen bij 18 Hoang Dieu niet wat opwaarderen?” Ja! Zo gezegd, zo gedaan. Een prachtig 1045 pagina’s tellend nominatie-rapport geschreven voor Unesco, waarin wordt aangetoond dat de hoofdstad van Vietnam eigenlijk al sinds 1000 jaar een continu politiek machtscentrum is. Eén van de gebouwen (D67) heeft een belangrijke rol gespeeld bij de hereniging van Vietnam, en het was het hoofdkantoor van het Politburo van de communistische partij.
Ho
Ik ben nu twee dagen in Vietnam, een “nieuw” land voor mij. Opvallend:
– Het lijkt erg op China, maar dan op het China van 15 jaar geleden: veel bedrijvigheid op straat, eettentjes op het trottoir, nog nauwelijks moderne gebouwen.
– Overal worden Franse stokbroden en baguettes verkocht, eindelijk weer eens lekker brood na 1,5 maand reizen!
– Het communisme is nog behoorlijk zichtbaar aanwezig. Propagandaborden geven de straten van Hanoi wat (rode) kleur.
Het toppunt van communistisch Vietnam is wel het het Ho Chi Minh Mausoleum. Net als broeders Mao en Lenin is Ho gebalsemd, en wordt tentoongesteld in zijn tombe. Je kunt iedere ochtend bij hem langs, en dat deed ik vandaag ook. Het mausoleum ligt een half uurtje wandelen van mijn hotel. Een bezoek is helemaal geregisseerd: je sluit bij de ingang achteraan in de rij aan, gaat door de veiligheidscontrole (water inleveren), fototoestel achterlaten bij de garderobe. Er loopt dan een mannetje met jouw camera naar de andere kant van het terrein bij de uitgang van het mausoleum, waar je na je bezoek het weer op kunt halen.
Dan schuifel je langzaam samen met honderden anderen door een grijze marmeren blokkendoos. Niet praten, geen handen in de zakken en niet stil gaan staan. In het midden van het glimmende gebouw ligt Ho – wit, een spotje op zijn gezicht gericht en een dekentje over zijn benen. Vier in wit uniform geklede militairen staan aan de hoeken van zijn bed. Twintig seconden, en je staat weer buiten.
Op het grootse terrein rond het mausoleum zijn nog twee aan Ho gewijde attracties: het Ho Chi Minh-park en het Ho Chi Minh-museum. In het park liggen twee huizen waar Ho Chi Minh gewoond heeft. Een daarvan is een huis op palen met maar twee kamers, uit een periode dat hij zich eenvoudig wilde presenteren. En er is “de garage van zijn gebruikte auto’s” – 3 stoffige oldtimers, geschonken door Rusland. Het doet me denken aan een museum in Nepal dat ik ooit bezocht en dat “Het Persoonlijke Boek” van de koning tentoonstelde. Van Grote Leiders is alles immers interessant.
Het museum heeft op dit moment een tentoonstelling uit Noord-Korea. Dit ter ere van de verjaardag van kameraad Kim Jong-Il op 16 februari. Er zijn schilderijen en foto’s. Kim zelf is natuurlijk vaak te zien, plus andere dingen waar ze trots op zijn: het circus van Pyongyang, megalomane gebouwen en nieuwe staaltjes techniek. Noord-Korea is toch wel de overtreffende trap van communisme anno nu. Bij een foto van een dam in aanbouw staat de tekst:
The KPA-soldiers work unprecedented miracles in socialist economic construction
En in deze stijl gaat het verder in de onderschriften bij de Noord-Koreaanse foto’s: niets is gewoon wat het is, alles is een fantastisch resultaat van het socialisme. Vietnam’s Ho Chi Minh wordt vergeleken met de Kim’s wat bescheidener neergezet: vooral als verzetsheld en als moreel voorbeeld. Je kunt zijn pennen, potloden en sandalen bewonderen. Er zijn foto’s waarop hij zieke kindjes bezoekt en soldaten. De tweede verdieping is heel modern van opzet, en laat op abstracte wijze thema’s als Strijd tegen het fascisme zien. Zo weten ze vast ook de jongere Vietnamezen te boeien, die zijn in ieder geval in groten getale aanwezig deze zondagochtend.
#392: Ha Long Bay
Wat is het?
De baai van Ha Long is bekend om zijn ca. 1600 kalkstenen eilanden, die oprijzen uit de zee. Veel van de eilanden zijn hol, met enorme grotten. De meeste eilanden zijn nooit bewoond geweest en hebben dus een ongerepte natuur. Er leven apen, reptielen en papagaaien.
Cijfer: 7,5 (het was erg mistig en dat is niet fijn voor een landschap dat het van zijn schoonheid moet hebben; we bezochten één grot, de verrassend grote en mooie Surprising Cave; het karstlandschap lijkt erg op dat in Yangshuo/Guilin, even over de grens in China, waar ik in 2007 was (dat ligt niet in het water, maar aan een rivier))
Toegang: Ik betaalde voor een volle dagtour (12 uur) vanuit Hanoi 35 US dollar, inclusief transport, gids, lunch, boottour en kayakken door de baai. Entree tot de baai / het natuurgebied lijkt verder gratis.
Hoeveel tijd: halve dag
Opvallend: ik was er een week na het bootongeluk waarbij 12 mensen om het leven kwamen. Overnachten aan boord is een paar dagen verboden geweest, maar gebeurt nu weer (een deel van mijn groep uit Hanoi bleef 1 of 2 nachten op een boot in de baai). Als je in de haven van Ha Long aankomt zie je tientallen, misschien wel honderd toeristenboten liggen. Toch viel mij de drukte in de baai zelf wel mee – er waren zo’n 20 boten tegelijk, en ze bezoeken niet allemaal dezelfde eilandjes / grotten. Ik heb nog een rondje door de hele baai gekayakt, en zelfs met mijn onervarenheid & onhandigheid was het geen probleem andere boten te omvaren.
#393: Monumenten van Hué
Wat is het?
Hué in Centraal-Vietnam was van 1802 tot 1945 de keizerlijke hoofdstad van het land. Tot het werelderfgoed behoren de monumenten die de keizers achterlieten: de Verboden Stad in de citadel van Hué, maar ook hun graftombes, tempels en offerplaatsen buiten de stad.
Cijfer: 8 (de Citadel is mooi (hoogtepunt: de Truong San residentie), maar het is ook wel een reeks van veel goed in de verf zittende facades met weinig erachter; de monumenten buiten de stad maken het een stuk interessanter, ze liggen op de mooiste plekjes in het bos, de keizers gebruikten dat gebied ook als hun buitenverblijf)
Toegang: 55.000 dong (2 EUR) voor de citadel, en ook elk 55.000 dong voor de grote graftombes. Rest van de monumenten is gratis te bezoeken.
Hoeveel tijd: 3 uur voor de citadel, en nog een halve dag voor de monumenten buiten de stad
Opvallend: ik ben gefietst naar een aantal van de werelderfgoedmonumenten buiten Hué: glad asfalt, redelijk vlak, heerlijk weer, mooie omgeving, kortom goed fietsen hier. Ik bezocht de ceremoniële offerplaats Nam Giao, de vredige Tu Hieu pagode waar ik de dienst van 10 uur kon meemaken, en de tombe van Tu Duc (dat is een heel complex met een meertje, een houten paviljoen en graftombes van zijn naaste familie). Daarna werd het minder fijn fietsen, meer gaten in de weg, stoffig. Ik zat zelfs een stukje op de A1 snelweg van Hanoi naar Ho Chi Minh-stad! De andere tombes heb ik maar gelaten voor wat ze zijn, en ben de 10km terug gefietst naar Hué.
#394: Phong Nha – Ke Bang
Wat is het?
Phong Nha is een grottenstelsel in een indrukwekkend karstgebergte in Centraal Vietnam. Ke Bang is het nationaal park waar de grot in ligt. Maar alles draait om de Phong Nha-grot, waar door de langste ondergrondse rivier ter wereld stroomt (bijna 14 kilometer lang). Pas in 1990 is het grottenstelsel hier volledig verkend en gedocumenteerd. Toeristen kunnen nu per boot 1 kilometer diep de grot in.
Cijfer: 8 (het lijkt op Ha Long Bay, maar dan zonder de baai èn met een ondergrondse rivier; de tocht over het water door de grotten is echt indrukwekkend, het gaat met een kleine boot die geroeid wordt)
Toegang: 40.000 dong (1,5 EUR) voor de grot. Je kunt er alleen met een boot komen, dat kost nog eens 250.000 dong (9 EUR) per boot. Bij gebrek aan medereizigers had ik een boot voor mij alleen. In het plaatsje Son Trach kun je dat allemaal regelen: er is een officieel ticketbureau waar je je kaartjes koopt zowel voor de entree als voor de boot. In de haven liggen tientallen boten (van particulieren zo lijkt het), op je kaartje staat het nummer van de boot die je gaat vervoeren. “Mijn” boot werd bemand door een echtpaar. De man sprak erg veel, maar alleen Vietnamees. Dat ik er niets van verstond weerhield hem er niet van dingen te blijven uitlegggen. Alle boten doen dezelfde route dus het wijst zich vanzelf. In de grot ga je twee keer aan land om te voet nog wat verder de grotkamers te verkennen.
Hoeveel tijd: ruim 3 uur (de boottocht + bezoek aan een “droge” grot bij de uitgang, hier moet je een kwartier over steile trappen omhoog klimmen)
Opvallend: Het gebied om de grot is tijdens de Vietnam-oorlog vaak gebombardeerd. Het ligt aan het begin van de Ho Chi Minh Trail, het netwerk van paden waarlangs Noord-Vietnam hun broeders van de Vietcong in het zuiden materieel steunde. Je ziet in het landschap de ronde bomkraters nog steeds heel goed, het zijn nu vijvertjes geworden. Ook verder op de route tussen Hué en Phong Nha zijn er veel herinneringen aan de oorlog. Deze streek was de gedemilitariseerde zone (DMZ) tussen Noord- en Zuid-Vietnam. Er zijn veel begraafplaatsen en herdenkingsmonumenten langs de kant van de snelweg, die zelf ook zwaar gebombardeerd is. In het plaatsje Quang Ri staan de restanten van een kerkje overeind alsof het bombardement gisteren heeft plaatsgevonden.
#395: My Son
Wat is het?
My Son (uitspraak: Mi Soen) is een groep ruïnes van tempels uit de 10e-13e eeuw, gemaakt door de Champa. Zij bewoonden een kuststrook in Centraal-Vietnam en waren de rivalen van de Khmer die Angkor bouwden. Het Champa-rijk stond onder invloed van India: de tempels zijn dan ook gewijd aan Shiva. Het waren de eerste Hindoeïstische heiligdommen in Zuid-Oost Azië. My Son is erg zwaar gebombardeerd tijdens de Vietnam Oorlog in 1969 en er staat dus niet veel meer overeind.
Cijfer: 7,5 (het ligt prachtig in de jungle, je ziet er kleurige vlinders en kolibries, ook wel een verfrissend gezicht in het dichtbevolkte Vietnam; de tempels zijn echt ruïnes, van de 8 groepen zijn er 2 nog het bekijken waard; de rest is grotendeels overgroeid met planten)
Toegang: 60.000 dong (2,20 EUR). Het is een populaire dagtocht met een bustour vanuit Hoi An, en zelfs vanuit het 3 uur verderop gelegen Hué. Het terrein is maar klein en het kan er dus erg vol worden met toeristen. Ik was er om kwart voor 9 in de ochtend en toen viel het nog erg mee – alleen 2 kleine groepjes, Fransen en Japanners.
Hoeveel tijd: 1,5 uur (je loopt over een pad vanaf de parkeerplaats een stukje door de jungle, dan langs de tempelgroepen en dan kom je aan de andere kant weer bij het parkeerterrein uit)
Opvallend: Ik ben er heen gegaan achterop de moto, de goedkoopste vorm van openbaar vervoer in Vietnam. Motormannetje gezocht in Hoi An (meestal vinden ze jou wel, maar als je er eentje nodig hebt net weer niet), prijs afgesproken, helm op en gaan. Het is 50 kilometer enkele reis van Hoi An naar My Son, best ver achterop een motor. De rit duurde ongeveer een uur, hij reed erg hard. Toch is het een stuk plezieriger dan in een bus zitten.
#396: Oude Stad van Hoi An
Wat is het?
De oude stad van Hoi An is een goed bewaard voorbeeld van een internationale havenstad, die bloeide door handel met Japan en China en vanaf de 16e eeuw ook Europa. De meeste gebouwen die nu nog overeind staan dateren uit de 18e/19e eeuw. Ze hebben een houten structuur aan de binnenkant en geel geschilderde baksteen aan de buitenkant. De architectuur is een combinatie van Vietnamese tradities met Japanse en vooral Chinese invloeden.
Cijfer: 7 (het is best aardig maar ook wel heeeel toeristisch; in de Unesco-nominatie wordt de vergelijking gemaakt met Vigan en Melaka, 2 oude Aziatische havensteden die ik ook heb bezocht en die nog minder de moeite waard zijn; het werelderfgoed waar het het meest op lijkt is Ping Yao in China, geen havenstad maar een integraal bewaard gebleven dorp met houten gebouwen: behalve koopmanshuizen en tempels kun je daar ook de eerste bank bezoeken, en in een traditioneel huis overnachten: veel groter en completer dus dan Hoi An)
Toegang: rondlopen in het dorpje en alles van de buitenkant bekijken is natuurlijk gratis. Voor 90.000 dong (3,20 EUR) kun je een kaartje kopen waarmee je 5 huizen, tempels of overige bezienswaardigheden in mag. Er zitten 5 strippen aan een kaartje, en overal waar je geweest bent knippen ze er met een vast door de organisatie verstrekte oranje schaar 1 strip af. In totaal zijn er een stuk of 20 dingen die je van binnen kunt bekijken, dus je moet vooraf wel een beetje plannen voordat je je 5 strippen er doorheen jaagt.
Hoeveel tijd: 3 uur (het oude centrum bestaat uit slechts vier, weliswaar vrij lange, straten)
Opvallend: De oude huizen zijn voor ca. 20% in gebruik als restaurants/café’s, en voor het overige vooral als kledingwinkel. Je kunt hier kleren op maat laten maken, zijden stropdassen kopen en nep-merkkleding. Ik geloof dat dat het ook is wat de massa aan toeristen hierheen trekt. Wel een bijzonder publiek trouwens: veel groepen ouderen, het lijken mensen die na 5x Thailand weer eens wat anders wilden. Echte avonturiers zijn het niet, de restaurants raken maar weinig locale specialiteiten aan ze kwijt, maar souvenirs kopen doen ze als de beste.
Koken op z’n Vietnamees
Het Vietnamese eten is voor sommigen één van de hoogtepunten van hun reis door dit land. Zelf vond ik het behoorlijk tegenvallen: zeker in Hanoi en Hué was het eten vaak een flauwe versie van wat je bij een Chinees in Nederland krijgt. Pas hier in Hoi An heb ik echt lekkere dingen geproefd – bijvoorbeeld gegrild varkensvlees opgerold met groenten en kruiden in rijstpapier, met een heel pittige dipsaus. Het grappige is dat je wat betreft Vietnamees eten in Nederland eigenlijk alleen de loempia’s kent, en dat hier blijkt dat ze overal een loempiarolletje van maken!
Hoi An is ook een goede plek om eens een Vietnamese kookcursus te proberen. Deze cursussen zijn erg populair, heel veel restaurants geven ze elke dag. Ik ga op stap voor een halve dag met de Red Bridge Cooking School – die handelen maar liefst 3 groepen per dag af. Het giet ook nog eens vanochtend dus ik ben blij dat ik een binnenactiviteit heb gekozen.
Een stuk of 20 mede-cursisten verzamelen zich bij een café in het centrum. Vandaar worden we over 3 kleinere groepjes verdeeld. We gaan namelijk eerst over de markt. We zien allerlei soorten tropisch fruit, van de stekelige ramboetan tot de waterappel die er wel mooi uitziet maar niet goed smaakt. Zelf vind ik de “drakenvrucht” (Pitaya) erg lekker, in het hotel hebben ze die ook bij het ontbijt. Het is een vrucht van een cactus, en is wit met zwarte stipjes van binnen.
En veel vis natuurlijk weer op de markt. Krabbetjes met vastgebonden scharen (nadat ze gevangen zijn moet dus iemand elke ochtend hun pootjes vastbinden, en dat voor een bak vol met honderden krabben), inktvissen, haai.
Na een half uurtje worden we door een boot opgepikt in de haven van Hoi An. Het is dan nog zo’n 20 minuten varen over de rivier tot we bij het “kookeiland” aankomen.
Op dat eiland ligt een restaurant, en daar staan al stoelen voor ons gereed in schoolklasopstelling: allemaal netjes op een rijtje. We krijgen de recepten en een pen om aantekeningen te maken, en dan is het de beurt aan de kok om te laten zien hoe het moet. Er hangt een grote spiegel boven zijn werkbank zodat iedereen het goed kan zien. De kok is gespecialiseerd in droge humor, dus erg serieus of moeilijk is het allemaal niet. En dat in Engels met een Australisch accent, zoals veel Vietnamezen hebben.
We beginnen met het maken van rijstpapiervelletjes voor de loempia’s. Nou, dat is al niet iets wat ik me thuis zie doen: je moet het beslag van rijst en water eerst 7 uur laten staan, en dan nog eens verder verfijnen in een blender en weer een uur laten rusten. En dat terwijl dat rijstpapier juist zo essentieel is in de Vietnamese keuken. Gelukkig hebben ze het beslag voor ons al gemaakt. Aan de rand van de demonstratieruimte staan pannen, gasbranders en kant-en-klare ingrediënten voor ieder van ons klaar. Het rijstpapier maak je door een heel dun laagje beslag te gieten over een katoenen doek, die gespannen is over een pan met kokend water. Een minuutje het deksel erop, en je kunt met een bamboestokje het flinterdunne rijstpapier eraf peuteren. Het ronde velletje vul je vervolgens met garnalen en groente, je rolt het op en voilà: een rijstpapierloempia met groente & garnalen.
Het tweede gerecht is ietsje moeilijker: Hoi An pannenkoeken. Je eet ze met pindasaus. Ik vind ze niet echt lekker, maar dat kan natuurlijk aan mijn eigen kookkunsten liggen.
Het laatste gerecht dat we maken is Aubergine in een pot van klei. Nu moet er eerst driftig gesneden worden: de aubergines, tomaten, lenteuien etc. Stuk voor stuk gaan ze in de pruttelende kleipot. Dan moet het nog 7 minuten doorkoken. Een mooie tijd om ons nog 2 kunstjes te leren: het maken van een waaier uit komkommer, en een roos uit de schil van een tomaat.
Als de aubergine zacht is, neem je je eigen kleipot mee aan tafel. Het is tijd voor lunch, gelukkig verder klaargemaakt door het personeel. We krijgen nog een salade geserveerd in een uitgeholde ananas, en gestoomde vis met groenten. Mijn Canadese tafelgenoten zijn bang om de salade te eten, en zijn ook zeer spaarzaam met de rest. Ik maak me geen zorgen, eet alles met smaak op en bedenk wat & waar ik vanavond weer eens zal gaan eten.
Terugblik Vietnam 2011
Ik vond Vietnam een prettig land om in te reizen, en Hanoi één van de hoogtepunten van mijn wereldreis tot nu toe. Ik ben er in totaal 2 weken geweest, en dat is ook wel weer genoeg. Het nadeel van Vietnam is dat iedereen dezelfde toeristische route afreist, langs de kust van Zuid naar Noord (of andersom). Buiten de gebaande paden kom je hier niet echt.
Vervoer
Niet zo veel rondgetrokken hier. Twee keer een binnenlandse vlucht genomen voor de lange afstanden (>10 uur in de bus), en een keer met de toeristenbus voor een paar dollar van Hué naar Hoi An. Bustickets verkopen ze op iedere hoek van de straat, de vliegtickets heb ik bij Vietnam Airlines via internet gekocht.
Verblijf
Hanoi: leuke, levendige stad. Heel groot (meer dan 3 miljoen inwoners), maar alles is makkelijk te lopen. De straat oversteken lijkt eerst een hele klus, tussen de drommen scooters door. Maar het is eigenlijk heel makkelijk: als je gewoon rustig rechtdoor loopt, sturen ze wel om je heen (en ze rijden ook niet hard).
Hanoi Elegance Emerald – Alles werkt en is superschoon (dat is wel een verademing na India en Nepal), heel vriendelijk personeel, gratis fruit en water, snel draadloos internet met zelfs een eigen laptop op de kamer. Ik had een Deluxe kamer (45 US dollar) omdat de goedkopere uitverkocht waren. Dit is een populair hotel midden in de Oude Stad en er zijn maar weinig kamers. Ontbijt kies je ’s ochtends van de kaart en is prima.
Hanoi Elegance Diamond – zusterhotel van het Emerald. Ligt om de hoek, ook in het Oude Centrum. Dit is iets groter, heel smal en hoog (12 verdiepingen). Op de bovenste verdieping is ’s ochtends een uitstekend ontbijtbuffet. Alle voorzieningen zijn verder hetzelfde als in het andere Elegance Hotel. Hier geen ligbad bij de kamer, maar wel een lekker groot dubbel bed. Hier ook CNN en BBC World op de TV, dat zit bij het andere blijkbaar niet in het pakket (wel heel veel andere westerse zenders).
Hué: relaxte, uitgestrekte stad aan een rivier met vrijwel alleen laagbouw. Heel anders qua sfeer dan Hanoi. Alle toeristenrestaurants en andere reiszaken zitten bij elkaar in 2 straten. Echt goed eten of een leuk café heb ik niet kunnen ontdekken. Daarentegen is het hier wel spotgoedkoop: 15000 dong (0,60 EUR) voor een cappucino en 40000 dong (1,60 EUR) voor een tweedehands boek en 3 dollar voor een busticket naar Hoi An (3,5 uur rijden).
Vina Hotel – zeker voor de prijs (31 dollar voor een luxe kamer met rivierzicht) een heel goed hotel. Ik had een ruime frisse kamer (601), met een raam over de volle breedte met inderdaad uitzicht op de brede rivier. Ligbad, gratis wifi, gratis water en fruit, ontbijt (stokbrood en fruit) en vriendelijk personeel. Het is wat minder professioneel dan het hotel in Hanoi, ze spreken er ook minder goed Engels.
Hoi An: erg toeristisch dorpje, ook al aan een rivier.
Ha An Hotel – luxe hotel met een popperige kamer voor 60 dollar. Ik was steeds bang dat ik een van de vazen met bloemen om zou gooien. De kamer stond zo vol met van alles dat er eigenlijk geen ruimte meer is voor je spullen (behalve in de kast). Positief: fantastisch privé-terrasje (buiten internetten ’s avonds!), erg uitgebreid ontbijtbuffet met de meest exotische soorten fruit en gratis fietsen om de omgeving mee te verkennen. Verder ook de geneugten die hier in Vietnam wel standaard lijken: gratis water, gratis fruit, ligbad, goed bed, alles superschoon en fris.
Eten & drinken
Zie mijn verslag van de kookcursus!
Kosten
Het goedkoopste land tot nu toe! Dat komt vooral door de relatief lage hotelprijzen. Twee binnenlandse vluchten en een dure tour naar Phong Nha schroeven de kosten wat omhoog.
Gemiddeld dagbudget Vietnam: 70 EUR














Leave a comment